Zaak Van Cotthem

In het bericht over de uitspraak in de zaak Van Cotthem in de kant van donderdag 20 april (`Vijf jaar cel en tbs in zaak v. Cotthem') staan enkele onjuistheden. In tegenstelling tot wat de tekst vermeldt zijn de vier verdachten niet veroordeeld voor poging tot zware mishandeling, de dood ten gevolge hebbend. Ook zijn drie van de vier niet veroordeeld voor medeplichtigheid. De verdachte Mike H. is veroordeeld voor zware mishandeling de dood ten gevolge hebbend; de overige drie verdachten zijn veroordeeld voor openlijk geweld.

Voorts werd in het bericht gemeld dat nog een aparte rechtszitting volgt over het in het water duwen van een man door twee van de verdachten. Dit is niet juist. Beide verdachten zijn bij dezelfde uitspraak voor deze daad veroordeeld.

Ten slotte meldt het bericht dat naast een bedrag van 20.000 gulden schadevergoeding voor begrafeniskosten een even groot bedrag is toegekend als vergoeding voor immateriële schade. Dit laatste is niet juist. De vordering tot vergoeding van immateriële schade is verwezen naar de civiele rechter.