Stuwmeer aan opties zet bedrijven voor het blok

Aandelenopties voor managers en medewerkers zijn populair. Maar wie betaalt de regelingen en hoeveel kost dat? Samen moeten Aegon en ING meer dan een miljard verantwoorden.

Wat kost zo'n aandelenoptieprogramma eigenlijk? Tweederde van de aan de Amsterdamse effectenbeurs genoteerde bedrijven heeft zulke regelingen, die managers, middenkader en soms het complete personeel moeten prikkelen om te werken en te denken in termen van aandeelhouderswaarde.

Politici, vakbondsbestuurders en de media concentreren zich doorgaans op de uitkomsten van de opties: de miljoenenwinsten die sommige managers `gratis' opstrijken. ,,Exhibitionistische zelfverrijking'', vond premier Kok.

Voor managers en medewerkers zijn opties niet helemaal gratis. Wie opties van zijn werkgever aanvaardt moet vooraf belasting betalen. Als hij vervolgens de optie (kooprecht een aandelen) uitoefent en de verkregen aandelen verkoopt is het een fiscaal onbelaste vermogenswinst.

Opties zijn voor bedrijven geen gratis lunch. Iemand betaalt deze financiële prikkels, maar wie en hoeveel kost dat?

Opties komen voor rekening van de bestaande aandeelhouders, die hun eigendomsrechten en hun recht op (toekomstige) winst zien verschralen doordat de onderneming tegenover de personeelsopties nieuwe aandelen uitgeeft. De winst blijft gelijk, maar het aantal aandelen neemt toe. Dat schaadt de winst per aandeel, en daarmee de beurskoers.

Onder grote professionele beleggers groeit de aandacht voor de kostenpost die zij dankzij de opties gepresenteerd krijgen. Vorig jaar financierden pensioengiganten ABP en PGGM, samen goed voor meer dan 400 miljard gulden beleggingen, een onderzoek van CentER (Katholieke Universiteit Brabant) naar de kosten van opties.

Conclusie: de optiekosten zijn eigenlijk personeelskosten, die ten laste van het resultaat moeten komen. In Nederland ontbreken echter regels voor de boekhoudkundige verantwoording van opties. De managers hebben vrij spel.

Enkele bedrijven vermelden inmiddels in de kleine lettertjes in de toelichting op de winst hoe het resultaat eruit zou zien indien de optieregelingen wel als personeelskosten worden geboekt. Bij Philips en kantoorartikelenverkoper Buhrmann scheelt het nauwelijks voor de winst per aandeel, bij ASM Lithography, fabrikant van chipmachines, gaat om een procent of tien.

Om tegemoet te komen aan de kritiek van aandeelhouders op de verschraling van hun winstrechten door de opties voor managers nemen steeds meer bedrijven maatregelen. In plaats van nieuwe aandelen uit te geven, als optierechten worden uitgeoefend, kopen zij de benodigde aandelen zelf op de effectenbeurs. Door deze inkoop verwateren de winstrechten niet: het aantal aandelen en de nettowinst blijven gelijk.

Afgelopen week meldde Het Financieele Dagblad dat de helft van de vijftig grootste beursgenoteerde bedrijven inmiddels zulke inkopen doet om zijn optieverplichtingen af te dekken. Daarover is de informatie in de jaarverslagen echter veelal onvoldoende.

Bij Aegon en ING, die beide omvangrijke optieregelingen hebben, is in de jaarverslagen wel te achterhalen hoe hoog die kosten zijn: 900 miljoen, respectievelijk 200 miljoen gulden. Als hun beurskoersen stijgen, lopen de kosten verder op.

De pijn zit 'm niet in de ingekochte aandelen van vorig jaar (ING) en 1998 en 1999 (Aegon), maar in het stuwmeer aan opties uit de jaren daarvoor. Toen kochten zij nog geen aandelen in ter afdekking van hun verplichtingen. Als medewerkers deze opties uitoefenen, willen de concerns de benodigde aandelen op de beurs inkopen. De koers nu is echter aanzienlijk hoger dan de prijs waartegen medewerkers de opties uitoefenen. Het negatieve verschil brengt Aegon ten laste van zijn vermogen van bijna 30 miljard gulden.

Aegon kan de totale kostenpost ook ten laste van de winst brengen. Dat komt neer op een gulden minder winst per aandeel, een daling met 18 procent. Dat kost, gegeven de vermenigvuldigingsfactor die beleggers nu gebruiken om Aegon te waarderen, meer dan 20 miljard gulden aan beurswaarde. Met zo'n bedrag is het niet verwonderlijk dat Aegon de optiekosten ten laste van zijn ruime reserves brengt. Dat is geen cijfer waar beleggers intensief naar kijken.