Slim sarcasme over oude buren van Vincent Bijlo

Verhuisdozen omringen Vincent Bijlo in zijn nieuwe cabaretsolo. De volkswijk waar hij jarenlang heeft gewoond, is hem naar zijn zeggen te lawaaiig, te bemoeizuchtig en daarom te benauwend geworden. Nu scharrelt hij nog wat tussen die dozen rond, graait erin en pakt er af en toe wat spulletjes uit die hem op een verhaal over vroeger brengen. Vrolijke verhalen zijn dat, maar vaak hebben ze een grimmige ondertoon. Ze gaan over zijn studententijd, over de brokken die je als blinde kunt maken, en over zo'n wijk vol domme mensen die zich niet rechtstreeks tot hem richten, maar tot zijn vrouw: ,,Nou, we zullen 'm wel missen hoor, hij liep altijd zo blij te klappen.'' Zo maakten ze hem tot de buurtdebiel, zegt hij.

In zijn achtste programma, naar het eindjaar van deze eeuw 2100 genaamd, zet Vincent Bijlo de lijn door die hij al in het zevende inzette: het persoonlijke is zijn onderwerp geworden, en wat er verder in de wereld niet deugt, komt dan vanzelf óók aan de orde. Terwijl buiten beeld telkens een beetje burengerucht opklinkt, kijkt hij met opgewekt sarcasme terug op zijn oude buurt. De grappen zijn slim: ,,Onze tandem is laatst ook gejat, door twee junks.'' Zijn nieuwe huis, buiten de stad, is gesitueerd in een stiltegebied – en ook daarover kan hij een geestige tirade afsteken.

Naarmate de voorstelling vordert, krijgen zijn herinneringen soms een iets te particulier karakter, maar ook dan blijft Bijlo op zijn minst onderhoudend. Tastend loopt hij rond tussen de dozen, de staande bas en de piano, hij zingt een paar kleine liedjes die eigenlijk gezongen gedichtjes zijn, en herschept zijn ervaringen tot rake conférences. Meer dan ooit heeft zijn ernst de vorm van een spervuur van grappen gekregen. Zo zal deze achtste nog bij lange na de laatste niet zijn.

Voorstelling: 2100, door Vincent Bijlo. Regie: Mariska Reijmerink. Gezien: 20/4 in de Stadsschouwburg, Utecht. Tournee t/m 27/5 en volgend seizoen. Inl.: (071) 513 39 85.