Prins masseert Indisch leed weg

Tijdens het bezoek van kroonprins Willem-Alexander aan Japan worden Nederlandse Indië-oorlogslachtoffers in de watten gelegd. Een kwestie van `damage control' met het oog op het komend bezoek van de Japanse keizer aan Nederland.

Hoe precair deze week is, bleek op de eerste dag van het bezoek van kroonprins Willem-Alexander aan Japan. Ter inleiding had de Nederlandse ambassadeur in Japan, R. van Nouhuys, dinsdag vragen van de pers beantwoord. Geanimeerd, boeiend, ontspannen. En toch vroeg de woordvoerder van de Rijksvoorlichtingsdienst, die dat zelf had georganiseerd, na afloop toch maar niets letterlijk te citeren. En de ambassadeur enigszins te behoeden. Maar waarvoor?

Dit had Van Nouhuys gezegd: Als de Japanse keizer Akihito en keizerin Michiko in mei naar Nederland komen voor een staatsbezoek, kan de viering van 400 jaar betrekkingen tussen Nederland en Japan dit jaar ,,een flinke deuk oplopen''.

Hoe? Als slachtoffers van de Japanse bezetting van voormalig NederlandsIndië in Nederland tegen de keizer gaan protesteren, zei Van Nouhuys. Hij verwees naar oud-krijgsgevangenen in Engeland, die de keizer daar tijdens een staatsbezoek de rug toe keerden. ,,Dat is in Japan als een blamage opgevat'', zei de ambassadeur. De keizer zelf, voegde hij daaraan toe, heeft ,,wel begrip'' voor anti-Japanse sentimenten. Maar zijn volk, dat hem ,,op handen draagt'', zal zich bij een belediging van de keizer ,,diep, diep gekrenkt'' voelen: weg goede betrekkingen, waarvan tijdens het prinselijk bezoek aan Japan speech in-speech uit wordt gerept.

Hoe precair deze week is met het oog op het keizerlijk bezoek, wordt bevestigd nu het programma in Japan tussen alle feestelijkheden en wederzijdse betuigingen van respect door met de dag meer tegemoetkomt aan de Indië-slachtoffers in Nederland.

Voormalig premier Obuchi had in februari al het belangrijkste voorwerk verricht: spijt betuigen. Woendag, in Usuki, noemde het Japanse parlementslid Taro Nakayama tijdens een toespraak de Japanse bezetting als eerste. Gisteren, in Nagasaki, ging tot veler verrassing de helft van de speech van de kroonprins over ,,de donkere bladzijden in onze gezamenlijke geschiedenis''. Hij sprak de wens uit ze te blijven gedenken. Vandaag zijn zes kransen en nog meer bloemstukken gelegd bij het monument voor gevallen krijgsgevangenen in Mizumaki.

In draf met minister Van Aartsen (Buitenlandse Zaken), gisteren, achter de kroonprins aan, tijdens een razendsnelle rondleiding door `Holland Village'. Steeds verder achteroprakend tussen tulpenperken en nagebouwde grachtenpanden, vertelt de minister dat de toespraak van de prins na alle voorgaande stappen ,,vanzelfsprekend'' was.

Hij herhaalt dat de toon ,,definitief'' is gezet door de ,,uitmuntende'' reactie van premier Kok op de spijtbetuiging van Obuchi. Om niet te zeggen dat hij daarop blijft hameren. Net zoals hij meermalen zegt dat de keizer in mei met ,,egards en Nederlandse gastvrijheid'' zal worden ontvangen. Protesten? Met `egards', zegt Van Aartsen.

Dit is het probleem, vertelt voorzitter R.Boekholt van het Indisch platform

's avonds op een receptie in Holland Village. ,,Als de oorlogsslachtoffers in mijn achterban over het bezoek van de keizer aan Nederland beginnen, slaan alle stoppen door.'' Er zijn al hulpspreekuren ingesteld. Maar hij krijgt nog wekelijks brieven van ze, vertelt hij, waarin ze aankondigen hoe ze de keizer in Nederland zullen ontvangen.

Een voorbeeld? ,,Een mevrouw heeft geschreven dat ze met een spandoek langs de route gaat staan waarop ze de keizer `varken' wil noemen. In het Japans, want zo werd zij aangesproken in het kamp.'' Een deel van zijn achterban, zegt Boekholt, is vast van plan de keizer en het Japanse volk in mei zo diep mogelijk te beledigen. Met regelmaat voert hij nu gesprekken met premier Kok, zegt Boekholt. ,,Om door te spreken hoe we zoveel als kan bijtijds kunnen sussen.'' Boekholt: ,,Maar ik heb mijn achterban niet in de hand.''

Gisterochtend in Nagasaki had D.Winkler, voorzitter van de Stichting voor ex-oorlogsgevangenen in Japan, de toespraak van de prins ,,zeer terecht'' genoemd. Hij zei het te betreuren ,,dat er nog steeds mensen zijn die moeilijk doen''. En hij doelde op het Indisch platform van Boekholt.

Winkler, die `verwerkingsreizen' voor slachtoffers naar Japan organiseert en wist te bewerkstelligen dat het monument in Mizumaki er kwam: ,,Bij het platform vinden ze mij en mijn stichting Jappenvriendjes. Daarom mogen we ons er niet bij aansluiten.''

Boekholt had daarover op de receptie gezegd dat hij ,,persoonlijk niets'' tegen Winkler heeft, maar dat zijn platform daar inderdaad anders over denkt.

Voelde hij zich niet aangesproken door de toespraak van de prins, die een oproep deed het oorlogsverleden in gezámenlijkheid te memoreren? Boekholt dacht even na. Ja, zei hij. Met de speech van de prins in de hand zal hij de kwestie opnieuw bij het platform in stemming gaan brengen.

De Stichting 400 jaar Nederland-Japan heeft volgens directeur Christina Jansen ,,van het versoepelen van het keizerlijk bezoek geen specifiek programmapunt gemaakt''. ,,Wel hebben we de slachtoffers vanaf het begin een plaats willen geven.'' Daarom maakt een tentoonstelling van het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie deel uit van het herdenkingsprogramma. En daarom zijn Boekholt en Winkler beiden uitgenodigd de kranslegging in Mitzumaki bij te wonen.

Ze praten normaal niet met elkaar, hoor je in Japan tussen de recepties en ceremonies door. Laat ze eerst zelf ophouden met ruzie maken. En: hoeveel kransen moeten deze week gelegd worden voordat hun achterban kalmeert?

Hardop zegt niemand dat. Behalve oud-premier Dries van Agt. Lid van het comité van aanbeveling van de Stichting 400 jaar Nederland-Japan. Gistermiddag in Holland Village, terwijl de prins een tentoonstelling bekeek.

Viel de onverwachte toespraak van de kroonprins hem mee? Van Agt, schalks: ,,Het viel niet mee.'' Vond Van Agt de woorden van de prins, die intussen enkele meters verderop een Mauritshuistentoonstelling bekeek, soms nóg te schamel? Van Agt speelt woede en roept zeer luid: ,,Schámel? Schámel? Dát is het niet!'' Enkelen kijken even op. Oh, Van Agt. Deze joelt intussen bijna: ,,De kroonprins gedenkt vier-hon-derd jaar in zijn toespraak en besteedt de hélft aan de Tweede Wereldoorlog! Hoe wil men het dán hebben?'' Daarna, olijk: ,,Proficiat, nu weet u hoe ik erover denk.''

En weg duikt hij, opgewekt de prins weer achterna.