Platteland hoeft minder in te leveren

Plattelandsgemeenten met relatief veel oppervlak en weinig inwoners zullen volgend jaar financieel niet zo zwaar worden getroffen als aanvankelijk het geval leek.

Minister De Vries (Binnenlandse Zaken) wil deze gemeenten tegemoet komen bij de nieuwe verdeelsleutel die volgend jaar al geldt voor het Gemeentefonds, zo bleek gisteren tijdens een overleg in de Tweede Kamer.

De Vries stemt in met een voorstel van de fracties van de paarse coalitie, dat is aangevuld met het CDA. De gevolgen van dat voorstel zijn door het ministerie zelf doorgerekend en werden gisteren tijdens het debat bekendgemaakt.

Uitgestrekte gemeenten als bijvoorbeeld het Zeeuws-Vlaamse Oostburg zouden er volgend jaar door die nieuwe verdeelsleutel fors op achteruitgaan, nadat ze in 1997 bij een vergelijkbare maatregel al zeer veel hadden moeten inleveren. De getroffen gemeenten hadden dat eerder dit jaar al laten weten, maar de inmiddels afgetreden minister Peper kwam op dit punt niet tegemoet aan de kritiek, zo bleek uit een brief die hij op 3 april aan de Kamer schreef. Die weigerachtigheid was voor de Kamerleden Noorman (PvdA), Luchtenveld (VVD), Hoekema (D66) en Van der Hoeven (CDA) reden om zelf met een voorstel te komen.

Het voorstel houdt in dat vanaf volgend jaar een vaste uitkering uit het fonds aan alle gemeenten met 280.000 gulden wordt verlaagd. Het totale bedrag dat daardoor vrijkomt wordt opnieuw verdeeld aan de hand van een zogenoemde oppervlaktemaatstaf, waardoor de grote steden er over het algemeen enkele guldens per inwoner op achteruitgaan ten opzichte van het eerdere voorstel. Voor uitgestrekte gemeenten wordt de pijn echter beduidend geringer. Zo kon de gemeente Oostburg (17.700 inwoners) die in 1997 drie miljoen gulden moest inleveren en volgend jaar nog eens bijna een miljoen, gisteren ineens rond zes ton van die tegenvaller aftrekken.

Minister De Vries wil de nieuwe verdeelsleutel wel volgend jaar al laten ingaan. Daarop was aanvankelijk kritiek, omdat dan sprake zal zijn van een forse herwaardering van onroerend goed. Dat heeft belangrijke gevolgen voor de onroerend-zaak-belasting (OZB) die de gemeenten heffen. De Vries bestreed dat hierdoor een onoverzichtelijke situatie ontstaat, waardoor gemeenten niet weten waar ze financieel aan toe zijn. Alle gegevens over de waardering van onroerende zaken zullen tijdig beschikbaar zijn, zo stelt minister De Vries.