Kamer zwakt marktwerking stadsvervoer af

De Tweede Kamer heeft gisteren de verplichting voor provinciale overheden om hun stads- en streekvervoer openbaar aan te besteden tot ergernis van minister Netelenbos (Verkeer en Waterstaat) alsnog aanzienlijk afgezwakt.

Het PvdA-Kamerlid Hindriks diende vlak voor de stemming over een nieuwe wet voor het personenvervoer een amendement in, dat de betreffende overheden zou toestaan onder bepaalde omstandigheden af te zien van een aanbesteding. Ze moeten in dat geval wel kunnen aantonen dat zo'n besluit in het belang van de reiziger is of dat zo'n aanbesteding één partij een te dominante positie op de regionale vervoersmarkt zou verschaffen.

Het amendement van Hindriks, dat mede door D66 was ingediend, werd gesteund door CDA, SP en SGP. Hindriks had eerder al geprobeerd paal en perk te stellen aan het marktaandeel dat een vervoerder maximaal zou mogen bezitten. Hij wilde dat tot 25 procent beperken, maar daarvoor kreeg hij onvoldoende steun.

Minister Netelenbos reageerde furieus op het amendement, omdat het volgens haar de kern aantastte van de nieuwe wet. ,,Ik moet het aannemen van dit amendement helaas zeer ontraden'', aldus de minister voor de stemming. Toen het amendement echter wel degelijk was aangenomen, verzocht ze om de eindstemming over het wetsvoorstel tot na Pasen uit te stellen, ,,omdat de wet nu inconsistent is''. Dat laatste verzoek werd ingewilligd.

Krachtens het wetsvoorstel zouden overheden in 35 concessiegebieden verplicht zijn om voor 2004 minimaal 35 procent van hun lijnen aan te besteden. In de daaropvolgende drie jaar zou dan ook de rest moeten volgen.

De minister hoopt door een stelsel van openbare aanbestedingen enige concurrentie tussen vervoersondernemingen te bevorderen. Wanneer een concessie immers na zes jaar (of in sommige gevallen twaalf jaar) afloopt, kan elke vervoerder in principe opnieuw meebieden.

Als gevolg van de toegenomen concurrentie, zo hoopt Netelenbos, zou zowel de kwaliteit als de rentabiliteit van het stads- en streekvervoer toenemen.

De enige partij die dit streven van minister Netelenbos voluit steunt, is de VVD. De andere partijen bleven steeds de nodige twijfels koesteren over deze beperkte vorm van marktwerking.

De Tweede Kamer en het ministerie van Verkeer en Waterstaat worstelen al zo'n tien jaar met de vraag hoe het stads- en streekvervoer het beste nieuwe impulsen kan worden toegediend.