CPB: betere prognoses voorkomen nachtmerries

Over de gevolgen van grote projecten kan bitter worden gestreden. Een zorgvuldige kosten-batenanalyse vooraf kan soelaas bieden.

Grote infrastructuurprojecten zoals de Betuweroute ontaarden tegenwoordig vaak in nachtmerries voor de betrokken bestuurders. Voor ze er erg in hebben, raken ze bedolven onder lawines van kritiek. Het project is te duur, menen economen; slecht voor het milieu, scanderen milieu-activisten; loopt door mijn achtertuin, morren individuele burgers. Ze sluiten zich aaneen in een protestbeweging om het project te wijzigen of te verijdelen. Daarmee begint voor veel bestuurders een lijdensweg. Ook wetenschappers discussiëren vaak stevig over de effecten van projecten.

Veel van die commotie kan heel goed worden voorkomen, stellen onderzoekers van het Centraal Plan Bureau (CPB) en het Nederlands Economisch Instituut (NEI) in een gisteren gepresenteerde studie. Hun ei van Columbus: een maatschappelijke kosten-batenanalyse. Door alle effecten van een project, inclusief die op milieu, landschap en werkgelegenheid, vooraf systematisch te analyseren en zoveel mogelijk in geld uit te drukken, ontstaat een tamelijk compleet beeld van de gevolgen.

Zo'n analyse kan een verrassende wending geven aan projecten die al jaren op stapel staan. Op verzoek van de leiding van de hogesnelheidslijn-Oost hebben de onderzoekers hun analyse onlangs op dit spoorproject toegepast. Het bleek dat de baten in verhouding tot de niet geringe kosten beduidend minder waren dan lange tijd was aangenomen.

Prompt gaf minister Netelenbos (Verkeer en Waterstaat) opdracht bij de voortzetting van het project veel nadrukkelijker dan voorheen te letten op het zogenoemde nul-alternatief, een vast onderdeel van elke kosten-batenanalyse. Bij het nul-alternatief geldt de bestaande situatie als uitgangspunt, zonder dat er nieuwe grootscheepse infrastructuur aan te pas komt.

Het kabinet heeft direct enthousiast gereageerd op de nieuwe leidraad van CPB en NEI, waaraan ook nog negen andere Nederlandse onderzoeksinstituten hebben meegewerkt. Tijdens de ministerraad van vorige week besloot het een dergelijke analyse voortaan verplicht te stellen bij grote infrastructuurprojecten. Het kabinet beval tevens aan ook grote lopende projecten nog eens aan een dergelijke analyse te onderwerpen.

Carl Koopmans, medewerker van het CPB en een van de auteurs van de studie zegt: ,,Als je vooraf zo'n maatschappelijke kosten-batenanalyse toepast, weet je veel beter waaraan je begint.''

Ook in het verleden stortten politici en ambtenaren zich doorgaans niet in grote infrastructuurprojecten zonder zich vooraf rekenschap te geven van de gevolgen. De onderzoekers van het CPB en het NEI staan echter een veel integralere analyse voor dan tot nu toe gebruikelijk was. De methoden om bij voorbeeld de aantasting van het milieu door een project in geld uit te drukken zijn tegenwoordig verfijnd. Je kunt een goed beeld krijgen van de extra uitstoot aan CO2 die het project met zich meebrengt. Aan elke megaton CO2 die de lucht ingaat valt een prijskaartje te hangen.

Dat geldt ook voor de werkgelegenheid. Koopmans: ,,Je moet niet alleen letten op de nieuwe banen in kantoren bij stations aan zo'n nieuwe spoorlijn maar ook op de banen die diezelfde mensen opgeven om daar te gaan werken.''

Zo boog het CPB zich onlangs over de werkgelegenheidseffecten van een magneetzweefbaan van Amsterdam naar Groningen. De nettoresultaten bleken voor de werkgelegenheid in het noorden van het land beperkt te blijven tot enige honderden banen extra. ,,Overigens is denkbaar dat de overheid dat toch nog de moeite waard vindt, omdat het gaat om banen in die specifieke regio'', aldus Koopmans.

Niet alles is intussen in geld uit te drukken, zo geven de onderzoekers grif toe, zoals unieke natuurgebieden en landschappen. De onderzoekers bepleiten in dat geval de effecten hierop wel te vermelden bij de analyse, zonder die van een prijsopgave te voorzien. Zo buigen de onderzoekers zich liever niet over de vraag of de baten van gasboringen opwegen tegen de kosten voor de natuur in het Waddenzeegebied. Wel studeren ze al op de voor- en nadelen van uitbreiding van een tweede Maasvlakte.