Mogelijkheden Pluk-ze-wet beter benutten

Criminelen zouden niet aan de Pluk-ze-vorderingen kunnen voldoen omdat hun geld op is. Dit zou onderlinge liquidaties in de hand werken. Jacques Niederer vindt dit ongeloofwaardig. Als misdaad loont, dan moet hiermee worden afgerekend.

In NRC Handelsblad van 12 april veronderstelt de Maastrichtse strafpleiter Th. Hiddema dat door de Pluk-ze-wetgeving drugshandelaren tot onderlinge liquidaties worden gedreven. Hij voorspelt: ,,Dit wordt het jaar van de afrekeningen, de pleuris breekt uit''.

Hiddema gaat ervan uit dat criminelen het vermogen dat zij met hun misdaden hebben verdiend, hebben uitgegeven tegen de tijd dat het openbaar ministerie met een Pluk-ze-vordering komt. Van een kale kip kun je niet plukken. Dit moet dan overigens ook consequenties hebben voor de incasso van de declaraties van Hiddema. Ik ga ervan uit dat hij niet pro deo werkt.

Ik doe een andere voorspelling: `Dit wordt het jaar van de rekeningen'. Per 1 maart 1993 is de ontnemingswetgeving, de meer officiële benaming voor Pluk-ze, op een aantal onderdelen ingrijpend gewijzigd. Deze wijzigingen hebben de mogelijkheden voor de Nederlandse Staat verruimd om de criminelen te treffen waar ze de meeste pijn voelen: in hun portemonnee. Zo is het speciaal strafrechtelijk financieel onderzoek geïntroduceerd, dat erop is gericht de omvang van het criminele vermogen te bepalen.

Naast het traditionele dadergerichte rechercheren, wordt nu tegelijkertijd buitgericht opgespoord. In 1993 is tevens de mogelijkheid ingevoerd om strafrechtelijk conservatoir beslag te leggen. Dit beslag dient er toe om zeker te stellen dat ook daadwerkelijk het criminele vermogen kan worden ontnomen.

Eind vorig jaar heeft de Tweede Kamer met de minister van Justitie gedebatteerd over de uitvoering van deze nieuwe Pluk-ze-wetgeving. Geconstateerd werd dat de resultaten tegenvallen. De verwachting was dat over de periode 1993-1997 ruim 112 miljoen gulden zou worden ontnomen. Uiteindelijk is daarvan slechts 20 miljoen gulden, zo'n 12 procent, geïnd. Tegenover deze baten staan de kosten die gemoeid zijn met de uitvoering van de wetgeving. Deze bedragen ruim 120 miljoen gulden, het zesvoudige dus. Het openbaar ministerie heeft dus nog niet echt de rekening gepresenteerd.

Dit moet anders, dit moet beter. Dit jaar moet het jaar van de rekeningen worden. Dat kan door de volgende aanvullende maatregelen:

1. Omkering van de bewijslast. Anders dan in het strafrecht kennen wij in het belastingrecht de figuur van de omkering van de bewijslast. De overheid stelt iets en het is dan aan de belastingplichtige om dat gemotiveerd te weerleggen. Deze omgekeerde bewijslast maakt fiscaalrechtelijke ontnemingen eenvoudiger te realiseren. Introductie hiervan in onze Pluk-ze-wetgeving betekent dat de overheid ook strafrechtelijk effectiever kan ontnemen. Het is aan de crimineel om aan te tonen dat zijn vermogen legaal is verdiend. Immers, niet iedereen kan zich een tiental Ferrari's veroorloven.

2. De huidige dadergerichtheid van politie en openbaar ministerie moet worden omgebogen naar een buitgerichte attitude. Het is van belang dat in alle daarvoor in aanmerking komende strafrechtelijke onderzoeken meteen een multidisciplinair team van rechercheurs, FIOD-ambtenaren en forensische accountants wordt ingezet om de financiële handel en wandel van de verdachte in kaart te brengen en indien geïndiceerd, strafrechtelijk conservatoir beslag te leggen.

3. Het college van procureurs-generaal dient jaarlijks met de hoofdofficier van justitie van elk arrondissementsparket de hoogte van het te plukken bedrag af te spreken, gebaseerd op het vóórkomen van Pluk-ze-zaken in het verleden. Het gaat hier dan om een resultaatsverplichting, niet om een inspanningsverplichting. Het is aan de hoofdofficier van justitie te bepalen hoeveel officieren van justitie hij inzet om het afgesproken normbedrag te halen.

De ervaring leert dat criminelen hun illegale winsten parkeren in derde landen waar het bankgeheim hun garandeert dat de Nederlandse Staat geen beslag kan leggen op de saldi. Dit is een groot probleem. Ik geloof er dan ook niets van dat criminelen niet aan de Pluk-ze vorderingen kunnen voldoen, simpelweg omdat het geld op zou zijn.

Ik ben het dan ook oneens met advocaat Hiddema wanneer hij stelt of minstens suggereert dat hierdoor onderlinge liquidaties in de hand worden gewerkt. Ik nodig hem graag uit dit feitelijk aan te tonen.

Hiddema wil meer aandacht van `de politiek'. Deze aandacht is er, maar dan wel – althans wat mij betreft – gericht op het beter benutten van de wettelijke mogelijkheden en het opvijzelen van de financiële en civielrechtelijke kennis bij politie en justitie. Als misdaad loont, dan moet hiermee worden afgerekend.

Mr. J.M.L. Niederer is lid van de Tweede Kamer voor de VVDfractie.