Coelacanth mag niet meer worden verhandeld

De coelacant, een prehistorische vis waarvan lang werd gedacht dat hij was uitgestorven, mag niet meer worden verhandeld. Landen die het VN-verdrag voor de internationale handel in bedreigde plant- en diersoorten (Cites) onderschrijven, hebben dat gisteren in de Keniaanse hoofdstad Nairobi beslist. Ook de Australische doejoeng, een soort zeekoe, komt op de lijst van bedreigde diersoorten waarin geen handel is toegestaan. Maar voorstellen om ook dertien soorten vogelspinnen en dolfijnen uit de Zwarte Zee toe te voegen aan die lijst, haalden het niet.

Eerder deze week besloot de conferentie in Nairobi dat olifanten en walvissen maximale bescherming houden. Zes landen die tegengestelde ideeën hebben over de handel in olifantenslagtanden, bereikten op het laatste moment een compromis. Zimbabwe, Botswana, Namibië en Zuid-Afrika wilden dat een beperkte handel in ivoor zou worden toegestaan omdat olifanten in die landen niet langer met uitsterving bedreigd worden. Maar Kenia en India verzetten zich tegen een versoepeling van een algeheel verkoopverbod, omdat het stropen daardoor zou worden bevorderd.

De zes landen werden het er uiteindelijk over eens dat er eerst een sluitend systeem ter voorkoming van stropen moet komen voordat de handel in ivoor weer gedeeltelijk kan worden vrijgegegeven. Voorstel van Japan en Noorwegen om de jacht op twee soorten walvissen weer mogelijk te maken, werden door de conferentie verworpen.