De politiek over het multiculturele drama - PvdA

Mede naar aanleiding van het essay `Het multiculturele drama' dat de publicist Paul Scheffer eind januari op de opiniepagina schreef, debatteerden de fractievoorzitters uit de Tweede Kamer gisteren over het minderhedenbeleid. Hierbij een aantal, deels letterlijke, bijdragen uit dit debat dat morgen wordt voortgezet.

[...]Het CBS heeft de aandacht gevestigd op de prognose van `twee miljoen niet-westerse allochtonen' in 2015. Een belangrijk gegeven om de dynamiek van de verandering van de samenstelling van de Nederlandse bevolking te leren kennen. Maar vanaf de derde generatie zijn ze autochtoon. Er zullen dus, niet meer herkenbaar in de statistiek, steeds meer autochtone niet-bleke Nederlanders zijn. De vraag voor de toekomst is dan: zullen ze in de statistieken van de gelijke kansen nog zichtbaar zijn, achterblijvend of buitengesloten?

Dit is een herkenbare vraag, omdat die in de twintigste eeuw voortdurend aan de orde is geweest. Het opgaan in de stad van de boerenkinderen, de doorbraak naar de middengroepen van de arbeiderskinderen, de aansluiting bij het Nederlandse wonen en werken van de Molukse kinderen: vroeger zouden we het verheffing van het volk hebben genoemd; nu heet het sociale integratie. En de cruciale vraag was en is, steeds weer: gaat dit vanzelf en worden de problemen vanzelf tot kansen? Of is laisser faire het recept voor verspilling van talent, sociale tweedeling en criminaliteit?

De geschiedenis leert dat sociale integratie het resultaat is van een volgehouden grote gemeenschappelijke inspanning. Over en weer. Het debat van vandaag gaat over die grote inspanning die nodig blijft. De Partij van de Arbeid zet zich op veel plaatsen met anderen met meer en minder succesvolle ideeën hiervoor in.

Paul Scheffer komt de verdienste toe dat hij erin geslaagd is bloot te leggen dat er onzekerheid is of we de goede kant op gaan. Maar die onzekerheid ligt dicht bij een valkuil. De valkuil van de eigen momentopname die bestaande problemen uitvergroot en onderliggende dynamiek onderbelicht laat.

Het samenkomen van zeer uiteenlopende culturen is de jongste aflevering van de geschiedenis van de migrerende mens. Een feuilleton vol strijd; geen drama vervuld van noodlot.

Immigratie en integratie doen wel een groot beroep op de spankracht van de samenleving. Wie kijkt naar de sociale verschuivingen in de steden, in ons eigen land maar veel meer nog in verpauperde en door werkloosheid geteisterde wijken in Engeland, Frankrijk, Duitsland, die ziet een herleving van spanningen die in de tweede helft van de twintigste eeuw overwonnen leken.

Uit die geschiedenis van sociale integratie valt veel te leren. Over de eigen krachten die mensen kunnen ontwikkelen om in een samenleving in te groeien en sociaal te stijgen. Maar ook over de inzet om integratie als verklaard maatschappelijk doel te versnellen en te versterken. En daarmee in de traditie te treden van het streven naar sociale gelijkheid. Met de arbeiders van toen en ook al nieuwkomers van nu toegetreden tot de middengroepen, is het toch weer steeds de aankomst van nieuwe groepen die dat streven zo brandend actueel houdt.

Ik weet niet of iedereen die heeft ingestemd met Scheffers analyse wel bereid is die consequentie te aanvaarden. De consequentie bijvoorbeeld van ruimte vrijmaken voor voorschoolse taal en opvoeding. Opwaardering voor de leraren in het basisonderwijs, in het voortgezet onderwijs, in het beroepsonderwijs. Ruimte voor begeleiding om schooluitval en doorzakken naar criminaliteit te voorkomen. Heropvoeding van ontspoorde jongeren. Kinderopvang om ook allochtone vrouwen meer kansen te bieden. En een gezamenlijke krachtsinspanning om vacatures niet vanuit het buitenland maar in ons eigen land te vervullen.

Daarbij is het van belang geen misverstand toe te laten over de rol van de overheid. Mensen emanciperen en integreren zelf. De bijdrage van de overheid gaat tot aan het scheppen van voorwaarden die mensen uitzicht bieden op hun acceptatie door en integratie in een samenleving die bol staat van de ongeschreven wetten. En daaruit volgt al dat het met nieuw geschreven wetten alleen niet zal gaan. Pas als mensen breed herkennen dat ook nieuwkomers delen in de normen en waarden van de samenleving zal onzekerheid wegsmelten. We zullen er dan wel vaak bij denken: ónze normen en waarden. Maar die zijn niet door onze voorouders in de klei van dit land aangetroffen. Ze worden iedere dag opnieuw gevormd vanuit de diversiteit van Nederlanders die hier samen wonen en werken. Met als bijzonder kenmerk door de eeuwen heen een tolerante pluriformiteit die veel ruimte laat voor eigen gebruiken binnen de grenzen van in de Grondwet verankerde beginselen van gelijkheid en zelfbeschikking.

Integratie heeft heel veel kanten. Ik heb niet de minste pretentie hier vandaag in uitputtende zin over te spreken. Dat geldt ook voor die kanten waarbij het overheidsbeleid in het geding is. Het zou jammer zijn vandaag een nieuw paragraafje toe te voegen aan de grote fragmentatie die ons in beleidsverantwoordelijk Nederland toch al parten speelt.

[...]