De politiek over het multiculturele drama - CDA

Mede naar aanleiding van het essay `Het multiculturele drama' dat de publicist Paul Scheffer eind januari op de opiniepagina schreef, debatteerden de fractievoorzitters uit de Tweede Kamer gisteren over het minderhedenbeleid. Hierbij een aantal, deels letterlijke, bijdragen uit dit debat dat morgen wordt voortgezet.

[...]Als wij praten over inburgering van nieuwkomers, van minderheden, dan roept dat de vraag op waarin wij hen willen laten inburgeren. Het antwoord op die vraag zal natuurlijk snel zijn: in onze samenleving. Maar daarmee zijn wij er niet. Ik zal proberen, wat concreter te antwoorden op de vraag wat onze samenleving dan is.

Dan kun je allereerst zeggen: dat is een stelsel, een patroon van waarden, een gangbare opvatting over waarden, waaraan ieder in de samenleving zich behoort te houden en ontstaan door vele eeuwen joods-christelijke cultuur, joods-christelijk erfgoed, aangevuld met de humanistische traditie. Dat heeft geleid, dat stelsel van waarden, tot eigenheid. Je kunt ook zeggen van die waarden dat ze niet alleen de grenzen bepalen, maar ook de normatieve inbedding zijn van wat wij kennen uit onze Grondwet en de daarop gebaseerde wetten. Misschien moet je het een publiek bewustzijn noemen, dat de spelregels van ons samenleven bepaalt.

Essentieel is daarbij – ik kom terug op het woord inburgering – dat mensen die hier komen, zich dat waardepatroon, dat publieke bewustzijn eigen maken, want wie daarmee in botsing komt of dat waardepatroon negeert of wil negeren, die zal zich isoleren. Ik vind derhalve dat wij ervan mogen en moeten uitgaan dat mensen die de ambitie, de wens hebben naar Nederland te komen en daar te blijven, ook actief zullen moeten wensen deel uit te maken van en deel te nemen aan de Nederlandse samenleving. Gelukkig is een aanzienlijk aantal van die mensen, van die nieuwkomers, daarin geslaagd. Maar ook is het bij heel velen – dat moet je er tegelijk bij zeggen – niet gelukt en ook heeft voor heel velen het inburgeringsbeleid tot nu toe gefaald.

Als je die stelling betrekt, moet je ook de vraag beantwoorden: aan wie ligt dat dan? Nu, dat ligt aan ons, aan ons allemaal, aan de Nederlandse samenleving, en het ligt voor een deel ook aan de nieuwkomers zelf. Ik denk dat wij de door mij genoemde waarden, dat publieke bewustzijn, veel te weinig zelfbewust beschouwen en misschien veel te veel als een gegeven hebben beschouwd. Ik steun daar de opvatting zoals de aanstichter, de aanjager van dit debat, Paul Scheffer, dat in zijn eerste artikel heeft weergegeven. Want als wij minderheden, nieuwkomers, vragen zich hiernaar te richten – ik vind dat wij dat van hen kunnen en moeten vragen – dan moeten we ons er zelf ook veel meer en beter van bewust zijn. Wat betekent dat? Het betekent dat wij, dat een overheid en dat de samenleving veel consequenter toezien op bijvoorbeeld het handhaven en het naleven van wet- en regelgeving. Het zal niemand verbazen dat het CDA en dat christen-democraten op dit punt niet uitgaan van een neutrale, maar van een normatieve overheid die er is voor iedereen, autochtoon en allochtoon.

[...]Ik denk dat er te lang een te grote mate van vrijblijvendheid in dit debat heeft geheerst. Tegenover het recht op verblijf staat immers de plicht, zich te richten naar de Nederlandse waarden en normen. Dat is geen afzweren of moeten afzweren van de eigen identiteit. Neen, het hebben van de ambitie om in te burgeren, betekent het zich eigen maken van de taak, de historie, de rechtsregels en de rechten en plichten van onze samenleving. Die zaken kunnen ook omschreven worden als het gemeenschappelijke en gedeelde patroon van waarden.

[...]In mijn redenering past onzerzijds geen cultuurrelativisme. Wij moeten ons dus niet richten op het behoud van, maar op een alerter en assertiever uitdragen van waar wij zelf voor staan. Doen wij dat niet, dan kunnen wij nooit aan anderen die hier komen, uitleggen waarin zij moeten inburgeren. Ik herhaal dit nog maar eens voor alle duidelijkheid. Er past ons dus geen cultuurrelativisme, maar wel een samenleving die weet waarvoor zij staat.