Verleden Indonesië speelt op

Het voorstel van de Indonesische president Wahid om het `communistenverbod' uit 1966 in te trekken, leidde tot een politieke koortsaanval. Het oprakelen van een onverwerkt verleden wekt breed verzet.

De Indonesische politiek vertoonde de afgelopen maand een acuut ziektebeeld. De voorzitters van het Volkscongres - Amien Rais - en het parlement - Akbar Tanjung - opperden een buitengewone zitting van het Volkscongres, die president Abdurrahman Wahid zou kunnen afzetten. Dat hooggeplaatste Indonesiërs als Rais en Tanjung zulke onbezonnen taal uitsloegen, is alleen te verklaren uit een politieke koortsaanval.

De politici waren niet de enigen met acute verhoging. In de steden Jakarta, Yogyakarta, Bandung en Makassar betoogden duizenden moslims met verhitte hoofden tegen president Wahid, zelf nota bene een islamitisch schriftgeleerde. In Jakarta dosten enkele honderden jonge betogers zich uit als de veertig rovers van Ali Baba. Zij gordden zich aan voor een `heilige oorlog' tegen de vijanden van het geloof en lieten zich in een trainingskamp bij Bogor, bezuiden de hoofdstad, vechtkunsten bijbrengen.

Vanwaar die collectieve koorts? Abdurrahman Wahid heeft vorige maand een litteken geraakt in de Indonesische volksziel, dat bij de geringste beroering acuut gaat ontsteken. Het litteken is zo gevoelig omdat de episode waarin de wond geslagen werd, behoort tot een onverwerkt en daarmee onvoltooid verleden: de gewelddadige dood van zeker een half miljoen van communistische sympathieën verdachte Indonesiërs in de jaren 1965-1966.

Na de couppoging van enkele links georiënteerde officieren op 30 september 1965, die in enkele dagen werd neergeslagen door het leger onder leiding van generaal Soeharto, overspoelde een bloedbad Java, Bali en delen van Sumatra. De massamoord op (vermeende) leden van de communistische partij (PKI), die door het leger werd gebrandmerkt als het brein achter de coup, was geen louter militaire operatie. Het was ook een uitbarsting van razernij onder moslimjongeren en boeren. De dichter Taufiq Ismail schreef destijds: ,,In de kampong wast een meisje voor het eerst heur haren/ze zijn nat, nat van het bloed''. Toen hij die regels vorige week tijdens een televisiedebat voorlas, snikte hij en in de ogen van zijn luisteraars was onvermogen te lezen om deze oude pijn de baas te worden.

Een door het leger samengesteld en door een generaal voorgezeten voorlopig Volkscongres vaardigde op 5 juli 1966 besluit nr. XXV uit, dat de PKI buiten de wet stelde en de verbreiding van de marxistisch-leninistische leer verbood. Het besluit was een legitimering achteraf van de gepleegde massamoord. Het vormde tevens de ideologische grondslag van de Nieuwe Orde en in de 32 jaar die volgden, gold `het communisme' als de wortel van alle kwaad dat Indonesië ooit had geplaagd. Het stempel `communist' was sindsdien het wapen bij uitstek om politieke tegenstanders uit te schakelen.

Begin maart stelde president Wahid voor om het besluit van 1966 in te trekken. ,,Teveel mensen'', zei hij, ,,die geen communisten waren, verloren hun burger- en mensenrechten door dit decreet.'' Het bloedbad van destijds heeft een kloof geslagen in de Indonesische samenleving. Die kan, vindt Wahid, alleen overbrugd worden door de feiten onder ogen te zien, collectief schuld te bekennen en zo de grondslag te leggen voor nationale verzoening. Wahid mag een impulsief politicus zijn, met dit voorstel ging hij niet over een nacht ijs. Hij was van 1984 tot vorig jaar voorzitter van de moslimbeweging Nahdlatul Ulama (NU). De jeugdbeweging van de NU, de Ansor ('bondgenoten van de profeet'), speelde een actieve rol in de slachting op Java en Wahid heeft voor dat aandeel van de Ansor al aan het begin van de jaren negentig vergiffenis gevraagd aan de nabestaanden van de slachtoffers. Als president zet hij nationale verzoening opnieuw op de politieke agenda.

De verhitte reacties van de afgelopen weken maakten duidelijk dat Wahid in deze kwestie nagenoeg alleen staat. Vooral moslims en militairen achten intrekking van het verbod uit 1966 ontijdig. De islamitische partijen die zijn verenigd in de `centrale as' reageerden woedend. Wahid heeft zijn verkiezing onder meer te danken aan de `as', die de nationaliste Megawati Soekarnoputri vorig jaar de pas wilde afsnijden. De Partij van Maan en Sterren (PBB) stelt nu voor om Wahid ter verantwoording te roepen voor het Volkscongres. Dat college moet in augustus een tussenbalans opmaken van Wahids presidentschap en de grondwet aanpassen. Amien Rais, sterke man van de `as' en voorzitter van het Volkscongres, suggereerde vorige week dat dit net zo goed een buitengewone zitting kan worden, die bevoegd is de president te vervangen.

Alleen Wahids eigen politieke club, de uit de NU voortgekomen Partij van het Nationale Ontwaken (PKB), viel hem bij. De NU zelf verklaarde zondag bij monde van voorzitter Hasyim Muzadi begrip te hebben voor Wahids overwegingen, want ,,de onschuldige slachtoffers verdienen eerherstel''. Toch acht de NU ,,de tijd nog niet rijp'' voor intrekking van het verbod. ,,Daarvoor zijn de sociale tegenstellingen in dit ontredderde land nog te groot'', aldus Muzadi. Hij maakte ook duidelijk dat eenieder die poogt de wettig verkozen president af te zetten NU's miljoenenaanhang op zijn weg zal vinden. De chef-staf van de landmacht, generaal Tyasno Sudarto, zei gisteren desgevraagd: ,,Het leger blijft deze legitieme regering trouw.''

Toen Wahid gisteren huiswaarts keerde van een buitenlandse reis, leken zowel de politici als de aspirant-straatvechters weer bij zinnen. Rais is ,,niet van plan de president af te zetten'', zei hij gisteren, en parlementsvoorzitter Akbar Tanjung verklaarde dat Wahid ,,democratisch is verkozen en steun verdient''. Zij zouden slechts schoten voor de boeg hebben gelost. Na een indringend gesprek met de plaatselijke politiecommandant leverden de heilssoldaten Ali Baba-stijl hun slag- en steekwapens in. Zondag ontruimden zij hun oefenterrein bij Bogor.

De kans dat het Volkscongres besluit XXV/1966 nog dit jaar intrekt, is klein. Toch heeft Wahid met zijn gedurfde voorstel iets bereikt: vluchten voor de eigen geschiedenis kan niet meer.