V.d. Ploeg: meer publiek Nederlandse films

Staatssecretaris Van der Ploeg (Cultuur) dringt er bij de Nederlandse filmwereld op aan meer aandacht te besteden aan het publieksbereik van Nederlandse films. Ter gelegenheid van de oprichting van de Federatie Filmbelangen, een nieuwe overkoepelende organisatie van vooralsnog negen belangenorganisaties op het gebied van film en audiovisuele media, gisteren in Amsterdam, stelde de staatssecretaris: ,,Met goudgerande investeringsregelingen alleen krijg je het publiek niet de bioscopen in''. Volgens Van der Ploeg bedroeg het aandeel van de Nederlandse film in het bioscoopbezoek van 1998 en 1999 gemiddeld 5,5 procent. Hij acht dat te weinig om de fiscale stimuleringsmaatregelen van de overheid blijvend te rechtvaardigen: ,,Particulieren staan als het ware in de rij om geld in film te investeren. En de overheid heeft de voorwaarden zo gunstig gemaakt dat niemand eigenlijk risico loopt.'' Als voorbeeld van hoe het niet moet, noemt Van der Ploeg de praktijk dat subsidie-inkomsten als eigen investering van de producent gebruikt worden om toegang tot de fiscale maatregelen te krijgen.

Van der Ploeg gaat er vanuit dat de aantrekkingskracht van de door voormalig staatssecretaris van Financiën Vermeend gecreëerde CV-constructie in het nieuwe Belastingplan voor de 21ste eeuw overeind zal blijven, mits er meer aandacht aan de publieksfactor besteed wordt. Van een van de andere stimuleringsmaatregelen van de filmbedrijvigheid door de overheid stelde Van der Ploeg het einde in het vooruitzicht: dit jaar zullen er nog zes zogeheten Telefilms gerealiseerd kunnen worden, maar ,,het is niet de bedoeling dat de deelname van de overheid aan dit project een semi-structureel karakter krijgt. De betrokken partijen moeten het Telefilmproject in de toekomst verder dragen.''

Voorts merkte Van der Ploeg op dat de geringe belangstelling van het publiek voor films van eigen bodem ook in andere Europese landen een probleem vormt. Met belangstelling nam hij kennis van een initiatief in Engeland, waar vanaf 1 april een nieuwe paraplu-organisatie, The British Film Council, verantwoordelijk is voor het beleid voor commerciële en culturele film, en niet alleen de productie, maar ook distributie en vertoning van films zal stimuleren.

Ten slotte stelde Van der Ploeg de nieuwe Federatie Filmbelangen een bescheiden ondersteuning in het vooruitzicht bij de herstructurering van de belangenbehartiging. Het is de bedoeling dat de Federatie een platform wordt voor onder meer het aandragen van oplossingen bij onderlinge tegenstellingen en voor kennisuitwisseling en standpuntbepaling met betrekking tot beleidsontwikkelingen. De samenwerkende organisaties, waaronder de Nederlandse Beroepsvereniging van Film en Televisiemakers NBF, het Dutch Directors Guild, de Dutch Documentary and Independent Film Association (DIFA), de Nederlandse Vereniging van Speelfilmproducenten en de Vereniging van Nieuwe Film- en Televisiemakers, zullen voorlopig wel als afzonderlijke instellingen blijven bestaan.