Twijfel over authenticiteit doek Bosch

Over de authenticiteit van de Heilige Christophorus, een van de drie werken van Jeroen Bosch (ca. 1450-1516) in bezit van Museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam, is vorige week sterke twijfel gerezen.

Dat blijkt uit een voorlopig onderzoek, ingesteld door Jeroen Giltay, hoofdconservator oude kunst van Boijmans, restauratrice A. Boersma en natuurwetenschappelijk onderzoeker J.R.J. van Asperen de Boer. Zij bekeken of het ongesigneerde en ongedateerde paneel een schoonmaakbeurt nodig had voor de Jeroen Bosch-tentoonstelling die het museum vanaf september 2001 organiseert als Rotterdam en Porto optreden als Culturele Hoofdsteden van Europa.

Eerder moest Boijmans het paneel De bruiloft te Kana als een Bosch afschrijven, omdat het hout decennia na de dood van de schilder werd gekapt. Bij de Christophorus zou de datering van het hout rond 1504 liggen, twaalf jaar vòòr de dood van de schilder, maar dat zegt niets over de eigenhandigheid van de schildering. Behalve de overschildering van de waterpartij, waar de heilige doorheen waadt, viel de deskundigen vooral een grove verfwijze van grotere vlakken op en een slordige detaillering, die op authentieke Bosch-panelen, zoals die in Madrid en Washington, niet zijn thuis te brengen.

,,Het loof is nogal mechanisch neergezet, steeds dezelfde groene vlakjes met dezelfde witte puntjes'', aldus Giltay. ,,Op Bosch' andere panelen is zijn hand veel levendiger en afwisselender. En, ziet u dat hondje en die mannetjes op de achtergrond? Bosch heeft die figuren nergens anders zo nonchalant en onvolkomen afgebeeld.'' Van Asperen de Boer zal nu onder meer de ondertekeningen verder onderzoeken.

Jos Koldeweij, de Nijmeegse hoogleraar kunstgeschiedenis van de middeleeuwen die de Bosch-tentoonstelling in Boijmans inhoudelijk voorbereidt, sluit, gezien het grote aantal kopiisten waar in de 16de eeuw al voor werd gewaarschuwd, een afwijzing van de Christophorus niet uit. ,,Dit oeuvre is een genre, dat vanwege het snelle en grote succes van Bosch door vele anderen is beoefend. In stilistisch opzicht vliegt het alle kanten uit. En jammer genoeg is er zo weinig bekend. Of het nu de geboortedatum is van Bosch, diens opdrachtgevers, de eerste bestemmingen van het werk, de betekenissen van kruipsels en gedrochten op zijn panelen – we weten zo weinig.''

De recente ontdekking in de National Gallery, Londen, van een ondertekening van Christophorus op de aan Bosch toegeschreven schildering De Doornenkroning roept vragen op over zowel authenticiteit als hergebruik van panelen, vertelt Koldeweij. ,,En onlangs bleek dat De Keisnijding (Prado, Madrid), afgeschreven als een Bosch, op basis van de ondertekening tòch weer aan hem moest worden toegeschreven. Er is veel met de werken gesjouwd, veel werd geretoucheerd, er is zelfs een repeterend patroon te herkennen in het overschilderen van de opdrachtgevers die op sommige panelen tot ergernis van latere eigenaren stonden afgebeeld. Daarom zal de Boijmans-tentoonstelling behalve een onderzoeksresultaat, vooral een aanzet tot verder onderzoek te zien geven.''

Boijmans stelt straks ,,onder de strengste condities en in zwaar bewaakte vitrines een eerlijke kern tentoon'', aldus Koldeweij. Een kern van zo'n dertien, veertien kleine, fragiele panelen en ongeveer vijftien tekeningen. Wereldwijd worden zo'n dertig panelen aan Bosch toegeschreven. Extreme kwetsbaarheid maakt cruciale stukken als De Tuin der Lusten (Prado, Madrid) onuitleenbaar.