Column

Supporter

Ik zat dit weekend bij de New York Yankees! Vak 4, rij D, stoel 9. Ofwel: recht achter de thuisplaat. Links van mij zat een Amerikaans echtpaar met twee kinderen van ongeveer dertien en tien. Moeder was een kilootje of honderd, de kinderen zeker vijftig à zestig. In negen innings verdween in haar en de kinderen een jumbobeker popcorn, een reep, nog een reep, een cola, een hele grote doos chocopinda's, slierten gedroogde bacon, weer een reep, een pak koekjes, nog een cola en een stuk pizza. Dit alles per persoon. Halverwege de zesde inning vielen moeder en dochter in slaap. Voor me zat een oudere, zachtmoedige man, die mij heel geduldig antwoord gaf op al mijn vragen en schuin voor me een gezin van acht latino's. In de vijfde inning kwam een nieuwe werper. Nummer

zesenvijftig. Hij stond niet in het boekje en ik verstond zijn naam niet goed. Mensen achter mij wisten het ook niet. Hornstein ofzo. Niemand wist het. Wel iets met Horn, maar of er ook Stein achteraan kwam wist de man voor me niet. Hij dacht meer aan Einhornowitsj. Het etende gezin reageerde niet op mijn vraag en de mensen schuin voor me antwoordden: `Yes, that's the pitcher'. Gelukkig werd hij snel gewisseld en kwam er een gozer, die wel in het boekje stond: Jeff Nelson. Verder werden de jarigen middels het scorebord van harte gefeliciteerd en Kevin vroeg via het scherm Denise ten huwelijk. Na zeven innings moesten we gaan staan en stretchen, soms moesten we zingen en dat deden we dan. Zei het scherm: `klappen', dan klapten we, zei het `schreeuwen', dan schreeuwden we. Heerlijke middag. Hoeveel het werd? Volgens mij 8-4 voor de Yankees, maar ik had niet de indruk dat dat iemand iets kon schelen.