Peil van Tisza staat twee keer zo hoog als normaal

De stad Szolnok, de belangrijkste stad aan de Tisza, maakt zich op voor hoogwater: morgen bereikt de Tisza hier zijn hoogste peil.

Dreigend stijgt de veelgeplaagde Tisza tot boven de normale dijken. De monumentale brede stroom die van noord naar zuid door Hongarije stroomt wordt alleen binnen zijn bedding gehouden door witte plastic zakken gevuld met zand. Nu al staat de rivier met een stand van tien meter twee keer zo hoog als normaal. Als de berekeningen kloppen bereikt het water in de stad Szolnok – de vierde stad van Hongarije – dinsdag zijn piek, twee centimeter onder de rand van de in de haast aangelegde nooddijken. Nu al likt het water aan de onderkant van de brug.

,,Vorig jaar hadden we al hoog water, maar dat was nog niets vergeleken bij dit'', vertelt een man wiens huis al tot de eerste verdieping onder water staat. Een arts die zich samen met haar dochter bij de dijkbrigades heeft gemeld roept ,,Dit is zoals wij tegenwoordig onze weekeinden hier doorbrengen''.

Szolnok wacht angstig af. Stroomopwaarts worden steeds weer dorpen geëvacueerd. Het water zakt er, maar op verschillende plaatsen zakken boerenwoningen alsnog in elkaar. Vooral vrouwen, kinderen en bejaarden worden in veiligheid gebracht. De mannen blijven zandzakken vullen. Militaire helikopters vliegen af en aan met versterkingen tegen het water.

Het dreigende water, doodstil onder een hemelsblauwe lucht, heeft inmiddels heel Hongarije op de been gebracht. Langs de rivier die dwars door het land snijdt, van de heuvels van de Oekraïense en Roemeense Karpaten op de grens met de Oekraïne naar de de grens met Joegoslavië, even ten zuiden waarvan de Tisza uitmondt in de Donau, waren dit weekeinde tienduizenden mensen op de been. De voltallige parlementaire fractie van 's lands grootste regeringspartij Fidesz stak de handen uit de mouw. De strijd tegen het water heeft onder de Hongaren Nederlands-achtige nationale gevoelens losgemaakt.

Het hoge water wordt veroorzaakt door smeltwater uit de Karpaten. Het kost de Hongaarse overheid, die op 10 april al de noodtoestand uitriep in het oostelijk deel van Hongarije, zeker drie miljoen gulden per dag. Honderden mensen zijn geëvacueerd en er staat meer dan 250.000 hectare land onder water.

    • Renée Postma