Hervorming IMF krijgt vorm

Het Internationale Monetaire Fonds zal worden hervormd om beter te kunnen reageren op moderne financiële crises. Schuldverlichting voor de allerarmste landen zal met grotere daadkracht worden doorgevoerd. Nederland wil de schulden van de allerarmste landen waarmee het een vaste ontwikkelingsrelatie heeft geheel kwijtschelden op voorwaarde dat zij het bedrag van de kwijtschelding gebruiken voor armoedebestrijding, aldus minister Herfkens (Ontwikkelingssamenwerking).

Dit bleek na afloop van de vergaderingen van de zeven grootste industrielanden (G7) op zaterdag en de bijeenkomst van het hoogste vergaderorgaan van het IMF, het Internationale Monetaire en Financiële Comité (IMFC) op zondag in Washington.

De bijeenkomsten werden bemoeilijkt, maar niet onmogelijk gemaakt door demonstraties van tussen 6.000 en 10.000 mensen. De politie verrichtte tot en met zondagnacht tegen de 700 arrestaties, maar tot grootschalige ongeregeldheden, zoals tijdens de bijeenkomst van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) in december in Seattle, kwam het niet.

Het IMFC nam de aanbevelingen tot hervorming van het IMF over van de G7, die daarover zaterdag op basis van een Amerikaans voorstel had vergaderd. Volgens dat voorstel zal het IMF zich nog meer concentreren op het toezien op het tijdig verstrekken van economische en financiële informatie door aangesloten landen, om zo vroegtijdiger gewaarschuwd te zijn voor eventuele problemen.

Ook zal het aantal verschillende kredietlijnen worden verminderd, en zal er onderzocht worden of er een variabele rente kan worden ingevoerd op IMF-kredieten. Met die variabele rente kunnen landen worden geprikkeld niet te lang aan het financiele infuus van het IMF te blijven.

Het IMF zal zich niet, zoals het Amerikaanse Congres wil, terugtrekken uit steun aan de allerarmste landen. Volgens de G7 blijft het fonds verantwoordelijk voor de macro-economische stabiliteit van landen, en dus ook de allerarmste. Het IMF zal samen met de Wereldbank kunnen blijven werken aan financieringslijnen gebonden hervormingen om de armoede terug te dringen.

Minister Herfkens van ontwikkelingssamenwerking zei gisteren te verwelkomen dat de landen van de G7 zich zaterdag daadwerkelijk hebben verplicht om het geld ter beschikking te stellen dat nodig is voor de een half jaar geleden al overeengekomen schuldverlichting van de allerarmste landen.

De Amerikaanse minister van Financiën Summers moest overigens een voorbehoud maken, omdat het Congres vooralsnog het vrijmaken van de nodige fondsen koppelt aan andere begrotingspolitieke kwesties in de VS.

Herfkens zei dat Nederland alle schulden van de allerarmste landen waarmee het een ontwikkelingsrelatie heeft kwijtscheldt, op voorwaarde dat die landen goed worden bestuurd, de kwijtschelding weer gebruiken voor armoedebestrijding en daarvoor een plan ter toetsing voorleggen. Zij kon niet zeggen hoeveel geld daarmee gemoeid is.

Een woordvoerder van Ontwikkelingssamenwerking in Den Haag zei dat het zeker om enkele honderden miljoenen zal gaan, maar dat eerst moet worden bepaald hoe de schuldenlast van de betrokken arme landen eruit ziet. Dat wil zeggen: welke delen commercieel, multilateraal of unilateraal met Nederland zijn aangegaan.

Het gaat vooral om de omstreeks twintig zogenoemde HBIC-landen (in Afrika en Midden-Amerika) die met Nederland een duurzame bilaterale ontwikkelingsrelatie hebben, zei de woordvoerder.

De G7 gaf in een slotverklaring weinig prijs over de verhouding tussen euro, dollar en yen, die een belangijk onderwerp van gesprek was. Wel zei Summers dat de verhouding tussen de drie munten moet zijn gestoeld op de economische fundamenten in Japan, de VS en de eurozone.

Summers zei dat de onbalans die door het IMF is geconstateerd tussen de drie economische blokken moet worden opgelost door het bereiken van een hogere economische groei in Japan en Europa, niet door het afzwakken van de groei in de VS.

Wel zullen de VS, die kampen met een recordtekort op de betalingsbalans, de particuliere besparingen aanmoedigen om het betalingsbalanstekort terug te dringen.

President Wellink van de Nederlandsche Bank, die de afwezige minister van Financiën Zalm verving als leider van de Nederlandse delegatie, zei na afloop dat het IMF zich zal moeten aanpassen aan een internationale omgeving die sterk is veranderd door de veel grotere rol van het particuliere kapitaalverkeer.

Hij benadrukte echter dat dit een geleidelijk proces zal zijn.

    • Maarten Schinkel