TUMORGROEI GEREMD DOOR AFX-EIWITTEN DIE CEL TOT RUST BRENGEN

Onderzoekers van het Universitair Medisch Centrum in Utrecht hebben een relatie ontdekt tussen een bepaalde groep van eiwitten die in lichaamscellen voorkomen en het ontstaan van kanker (Nature, 13 april). Hun onderzoek biedt aanknopingspunten om nieuwe medicijnen te ontwikkelen die tumorgroei remmen.

Het Utrechtse onderzoek heeft betrekking op een van de zogenoemde signaalroutes in een cel. Elke cel, of dat nou een bacterie is of een cel in een menselijk lichaam, ontvangt voortdurend signalen uit zijn omgeving en verwerkt die via signaalroutes. Een signaalroute is niet meer dan een rijtje moleculen waarbij het ene molecuul een signaal (een fosformolecuul) doorgeeft aan het volgende molecuul. Zo'n route eindigt meestal in de celkern en beïnvloedt daar het aflezen van bepaalde genen.

Er zijn tientallen signaalroutes bekend en sommige routes kunnen elkaar beïnvloeden. Via allerlei complexe interacties bepalen ze wat de cel uiteindelijk gaat doen: hij gaat een hormoon aanmaken, hij gaat al zijn DNA verdubbelen om zich vervolgens te gaan delen, hij gaat eerst beschadigingen in het DNA te herstellen om zich pas daarna te delen, hij pleegt zelfmoord. Er zijn talloze mogelijkheden. Fouten in signaalroutes kunnen ertoe leiden dat een cel zich ongebreideld gaat delen, waardoor een tumor ontstaat.

Het onderzoek van de Utrechtse biochemici heeft betrekking op de zogeheten AFX-factoren, een groep van eiwitten die bekend staan als transcriptiefactoren. Ze stimuleren het aflezen (de transcriptie) van bepaalde genen. Welke genen was tot voor kort niet bekend. Uit het onderzoek blijkt dat de AFX-factoren het aflezen van het p27(kip1)-gen bevorderen. En dat gen codeert voor een eiwit dat de cel in een rustfase brengt. Het eiwit voorkomt dat de cel zich gaat delen. In sommige tumorcellen werkt dit p27(kip1)-gen niet goed waardoor de celdeling ontregeld is.

Uit de Utrechtse experimenten blijkt dat de AFX-factoren de celdeling kunnen beïnvloeden via het p27(kip1)-gen. De biochemici namen bijvoorbeeld tumorcellen uit muizenembryo's en infecteerden die cellen met een retrovirus. De onderzoekers hadden het retrovirus voorzien van een gen dat codeert voor een van de AFX-factoren. Zodra het retrovirus zich ging vermeerderen in de tumorcellen, werd ook het gen voor de AFX-factor afgelezen. Zo ontstond er extra veel AFX-factor in de tumorcellen. De Utrechtse biochemici zagen vervolgens dat het p27(kip1)-gen extra veel werd afgelezen en dat de DNA-synthese werd geblokkeerd. De snelheid van de DNA-synthese is een maat voor de snelheid waarmee een cel zich kan delen. Zonder DNA-synthese geen celdeling.

Uit het onderzoek blijkt ook nog dat de AFX-factoren op hun beurt signalen ontvangen vanuit twee routes: de PI(3)K/PKB-route en de Ras/Ral-route. De PI(3)K/PKB signaalroute heeft een remmend effect op de AFX-factoren. Door de PI(3)K/PKB route te blokkeren werd de AFX-factor niet langer geremd, werd het p27-gen extra veel afgelezen en werd verdere deling van de tumorcellen geblokkeerd.