Ter Braak

In `Ter Braak ontluisterd' (Z 1 april) accepteert Elsbeth Etty de beschuldiging van Gomperts dat de grote Menno een racist en een antisemiet was. Deze beschuldiging berust op erg selectieve lectuur. Ter Braak was heel goed in staat de voosheid van de rassentheorieën te doorzien, gezien zijn rake kritiek op de met de nazi's sympathiserende Oostenrijkse prins Rohan in `Het nationaal-socialisme als rancuneleer': `de haat is primair, de jodenhaat is secundair, de `wetenschappelijke' argumentatie is tertiair'. Ongetwijfeld heeft Ter Braak zich inzake de joden vaak tegengesproken, maar wat dan nog? Dat geldt ook voor Nietzsche. Bovendien heeft dezelfde Etty (Z 26 febr.) betoogd dat kunst (en Ter Braak was zeker een kunstenaar) zich aan elke objectieve maatstaf onttrekt en altijd multi-interpretabel is. Als Céline, Fassbinder en Theo van Gogh mogen, dan mag Ter Braak toch zeker ook?