Ik kan een stekker aanzetten

Zelf een stekker aan een snoer zetten is zo moeilijk niet. Kinderen leren het al bij Verzorging of Techniek in de basisvorming. Het probleem is eerder dat je niet weet wanneer ergens een nieuwe stekker of een nieuw snoer aan moet.

Ineens doet de strijkbout het niet goed meer: `Kijk, als je hem zo houdt dan doet hij het wel, maar houd je hem anders, dan gaat het lampje uit.' Tien tegen een dat het snoer ergens gebroken is, waarschijnlijk nabij de strijkbout zelf. (De oorzaak van de draadbreuk is meestal gelegen in de verkeerde gewoonte om het snoer op te winden, waardoor kinken in het snoer komen.)

Nieuwe strijkbout kopen? Natuurlijk kan dat – je hebt mensen die met hun uurtarief in hun achterhoofd vinden dat iedere minuut besteed aan huishoudelijke karweitjes een minuut te veel is. Maar nieuw kopen kost ook tijd. En er zijn andere overwegingen om een reparatiepoging te wagen.

Het beste is om de strijkbout door te meten. Dat gaat met een eenvoudige universeelmeter die voor zo'n ƒ25 tot ƒ30 in iedere klushal te koop is. (Zo'n meter komt ook voor allerlei andere klusjes van pas, bijvoorbeeld kijken of batterijen nog goed zijn.) Schakel de meter op het weerstandsbereik ergens in de buurt van de 100 of 200 Ohm en houd de rode en de zwarte stekers tegen de beide polen van de strijkboutstekker. De strijkbout moet op `Aan' staan of op `Katoen'. Als de strijkbout nog helemaal goed is, geeft het uitleesvenster een waarde tussen de 40 en 100 Ohm. Is het veel minder, dan maakt hij sluiting. Doe de bout dan maar weg. Is het veel meer, dan maakt hij ergens slecht contact. Beweeg nu het snoer van de strijkbout en kijk of de weerstand omhoogschiet. Dat duidt op draadbreuk.

Het is niet gemakkelijk om de rode en de zwarte steker van de universeelmeter goed tegen de stekkerpolen te houden. Je komt handen tekort. Veel beter gaat het met een zogenaamde krokodillenklem. Dat zijn een soort metalen wasknijpers met tanden die je gewoon ergens op vastklemt. Je hebt dan vanzelf een goed elektrisch contact. Een andere oplossing is een losse contactdoos voor meer stekkers. Steek de strijkboutstekker in een contactpaar. Je hebt nu je handen vrij voor de stekers van de meter.

Als het snoer inderdaad ergens een breuk vertoont, dan moet het vervangen worden of ingekort. Wie de gewoonte heeft om van alle oude, af te danken apparaten eerst het snoer af te snijden, die heeft nu een verzameling snoeren met stekkers liggen. Anders is het toch kopen geblazen. Kies een snoer van een passende lengte, maar vooral van dezelfde dikte – het gaat daarbij om de stroomdraden, niet om de buitenmantel. Het spreekt vanzelf dat een drieaderig (geaard) snoer door een drieaderig vervangen wordt. Een strijkboutsnoer heeft een extra buitenmantel van textiel om het kunststof binnensnoer te beschermen tegen smelten.

Bij het openen van een apparaat is het van belang dat het werkje op een overzichtelijke plek gebeurt. Ga aan tafel zitten, spreid een oude krant uit als tijdelijke werkplaats, en pak een schoteltje om de ringetjes en de schroefjes op te leggen. Het gaat erom om bij de plaats te komen waar het snoer het apparaat binnenkomt. Als het goed is zal het snoer ergens met een klem aan de buitenmantel zijn afgeklemd, zodat de binnendraden niet losgetrokken worden als er aan het snoer gerukt wordt. Vaak zit er een tule rond het snoer, een buigzaam stukje kunststof dat het snoer tegen knikken beschermt.

Kijk goed naar de kleur van de draden. Als het een recent apparaat is, dan komen er uit het snoer een bruine stroomdraad, een blauwe draad en een groen-geel geaderde draad. Die laatste is de aarddraad. Bij inkorting of vervanging van het snoer mag deze draad onder geen beding verwisseld worden met de beide andere. Maak de klemschroeven los en haal het oude snoer eraf.

Snij bij het nieuwe snoer de buitenmantel voorzichtig met een mesje los en ontbloot het koper van de stroomdraden, het liefst met een speciale striptang. Draai de koperen draadjes tussen duim en wijsvinger even rond, zodat ze bij elkaar blijven. Schroef de nieuwe draden vast. De blanke einden moeten goed passen. Buig eventueel eerst een `oogje' of een U-bocht. Bij een stekker kan het geen kwaad de blanke einden eerst dubbel te buigen om ze wat dikker te maken. Zet het zaakje weer in elkaar. Er mag geen schroefje of ringetje overblijven.