Teveel `beleidsporno', teveel routine

Het ministerie van OC&W heeft het moeilijk. Ambtenaren lopen weg en niemand die weet hoe het verder moet. `De vernieuwing wordt buiten bedacht.'

Dertig jonge smoelen, ieder zijn eigen soundbite. De nieuwe personeelsadvertentie van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen mikt op het Veronica-recept. Veel beeld, weinig tekst. Je moet uitstralen, zegt plaatsvervangend directeur Renk Roborgh wetenschappelijk onderwijs in het personeelsblad `Zin', ,,dat werken in het onderwijs leuk is.

Leuk? ,,Het departement mist elan'', zegt ex-directeur studiefinanciering Ron Bormans. Hij stelt vast ,,dat op topvacatures onzichtbare personen'' benoemd worden. Nee, namen wil hij niet noemen. Maar ze vechten niet, ze zijn geen nieuws. ,,Een baas die vecht vinden mensen leuk. Dat geeft teksten op feesten en partijen.''

Leuk? ,,Het departement produceert beleidsporno'', zegt Ankie Verlaan, voormalig plaatsvervangend directeur voortgezet onderwijs. Neem de achterstandennotitie van staatssecretaris Adelmund. Bevat bureaucratische polonaise, geen inhoud. Verlaan, tegenwoordig collegevoorzitter van het ROC Amsterdam: ,,Het kost nog twee jaar voordat dat het geld voor taallessen aan oudkomers bij mij is.''

Leuk? Doorstromen, ho maar, ervaart de jonge OCW-ambtenaar Siebe Weide. En loopbaanbegeleiding ontbreekt. Hij zegt in het personeelsblad: ,,Er is niet echt een visie op wat de organisatie met jongeren wil.''

Het ministerie van OC en W stroomt leeg. Het personeel loopt weg, vooral naar andere ministeries en naar onderwijsorganisaties. Van hoog tot laag. In de bestuursraad zijn twee van de zes plaatsen onbezet - die van de directeurs-generaal beroepsonderwijs en wetenschappelijk onderwijs. Op directieniveau zijn binnen drie jaar tijd vijftien ambtenaren opgestapt. Smaakmakende directeuren hebben het veld geruimd. Bevlogen beleidsmedewerkers zijn vertrokken. En ook het jonge talent beschikt over steeds minder zitvlees. Vorig jaar vertrokken evenveel hoger opgeleiden als er kwamen: 12 tegenover 12.

De opgestapte ambtenaren zochten een Nieuwe Uitdaging. Binnen OC en W waren ze niet meer happy. Ze waren uitgedacht. Ze konden niet hogerop. Ze stuitten op de territoriumdrift van andere directies. Ze voelden zich ingehuurd voor de routine en de rommel, terwijl de interessante, inhoudelijke klussen werden uitbesteed aan derden. Ze liepen stuk op het gebrek aan ambitie van secretaris-generaal Piet Holthuis – een loyaal jurist voor wie damage-control de core-business van Onderwijs is. Of ze misten aandacht voor strategie.

De taskforce lerarenbeleid komt bij Onderwijs maar niet uit de startblokken. Symbolen, zeggen ambtenaren off the record, ontbreken. Is er een brainwave om een trainingsinstituut op te zetten voor rectoren, dan wordt dat direct afgewezen. Want dat strookt niet met de taakstelling de 100 miljoen extra voor de tweede Fase eerlijk te verdelen onder alle scholen. En wat zittende ambtenaren nog wel het meest dwarszit: de bewindslieden blijven onzichtbaar. En voorzover ze wel zichtbaar zijn, fluit de Tweede Kamer ze terug. Kortgeleden nog: Adelmund met de eerdergenoemde nota achterstandenbeleid, Hermans met zijn voornemen om de aanvullende beurs ook af te rekenen op studieprestaties.

Zijn die missers terug te voeren op slecht soufflerende ambtenaren? Verklaart het opstappen van zoveel topambtenaren de politieke bloedarmoede van de bewindslieden? Die conclusie is te gemakkelijk, zegt Rien Meijerink, voormalig secretaris-generaal op OC en W en tegenwoordig voorzitter van de vereniging van universiteiten VSNU. Maar dat zoveel ambtenaren op sleutelposities zijn vertrokken is ,,zeker alarmerend''. De bewindslieden verliezen daarmee hun antennes en het overzicht. Types als de vertokken directeuren Mark Frequin, Ankie Verlaan en Ron Bormans – zij waren vertrouwensfiguren van het veld, zij hadden overview. ,,Die zaten niet achter hun bureau, maar bepaalden het beleid in samenspraak met de praktijk. En ze traden op als makelaar naar de politiek.'' Hun opvolgers komen van binnen het departement, vaak van de directie juridische zaken – strijdmakkers uit het vorige leven van secretaris-generaal Piet Holthuis. En de meesten huldigen net als hun hoogste ambtelijke baas de opvatting: besturen is beheersen. Vanachter het bureau.

Zijn zij geen vertrouwensfiguren-in-de-dop? Voormalig secretaris-generaal Meijerink: ,,Nou laat ik het zo zeggen: ze blijven onzichtbaar.'' Ankie Verlaan: ,,Het zijn allemaal winkelzonen en winkeldochters van Onderwijs. Ze missen contact met de praktijk.''

Wat dat betreft heeft ze nog wel een tip: Doe eens gek, pak de bus. Dat werkte toen zij met haar ambtenaren begin jaren negentig plannen moest maken voor de nieuwe examenprogramma's Mavo en VBO. ,,Vijf uur op, tien uur thuis, en dan moesten we zelf de hele dag naar iedereen luisteren. Schooldirecteuren, arbeidsbureaus, zij zorgden voor het tegenspel. Dat mis ik nu. Beleid maken is beleid maken op zichzelf geworden.''

Uniek is de leegloop op Onderwijs niet. Cijfers ontbreken, maar sommige andere departementen zoals Financiën en Sociale Zaken kampen met een vergelijkbare uitstroom, weet hoogleraar bestuurskunde Roel in `t Veld, voormalig secretaris-generaal op Onderwijs. Een belangrijke verklaring, zegt hij, is dat in Den Haag de eigen ambtelijke organisatie een tweedehandsorganisatie is geworden. ,,De vernieuwing wordt buiten bedacht, bijvoorbeeld door consultancybureaus. Voor de uitvoering worden weer andere clubs ingehuurd, procesmanagements heten ze bij Onderwijs. Dan ontstaat gebrek aan verbindingen. Dan maakt de traditie van expertise plaats voor de reflex not-invented here.'' Tel daarbij op de decentralisatie van bevoegdheden, op Onderwijs naar scholen en gemeenten, en de vlucht is verklaard. Want wie wil nou controler worden op Onderwijs als hij in dezelfde functie in het bedrijfsleven veel meer verdienen kan?

Dat beamen oud-hoofddirecteur CFI Henk Strietman en oud-OC en W'er Olaf McDaniel. De leegloop past bij de tijdgeest, zeggen ze. Het is een uitdrukking van de veranderde rol van het departement.

De afgelopen tien jaar heeft Zoetermeer er immers alles aan gedaan om de zelfstandigheid van scholen en universiteiten en ook gemeenten te vergroten. In zo'n klimaat voelen de bevlogen ambtenaren, de ontwikkelaars, de politieke dieren, zich steeds minder thuis. ,,We gaan van de constructieve onderwijspolitiek'', weet McDaniel, ,,naar een ambtenaar die waakt over accountability, kwaliteit en value for money.''

Hoe verder? In `t Veld weet het niet. McDaniel die nu consultant is, verwacht veel van een andere organisatiestructuur. Organiseer de mensen niet meer in directies maar belast ze met thema's, liefst departementsoverstijgend. Een projectstaf ICT. Een staf onderwijs aan allochtonen.

Maar daarvoor schiet de tijd tekort, vindt Ankie Verlaan. Zij zoekt de oplossingen lager bij de grond.

Haar recept? Eén: Vervang de top, ook secretaris-generaal Holthuis. Twee: Zet er nieuw talent neer, liefst van buiten OC en W. Drie: Verbied het ambtenarencorps een jaar lang nota's te schrijven. En tot slot vier: Stop met het inschakelen van derden. Geef die taken allemaal terug aan het ministerie. ,,Dan geeft je het departement zijn elan weer een beetje terug.''