Multifocaal

Met mijn nieuwe bril zit ik nog in de tevredenheidsfase. Het is een term van eigen makelij die ik ontleen aan de `tevredenheidsgarantie' van de fabrikant van de glazen. Hij bedoelt eigenlijk `ontevredenheidsgarantie', maar dat woord zou te veel vervelende associaties opwekken. Die garantietermijn duurt dertig dagen. Dan valt de bijl: moet ik die bril houden of niet?

Ik ben nu drie weken op weg en weet nog steeds niet wat goed voor me is. De ene dag ben ik aan diepe moedeloosheid ten prooi, de volgende dag gloort er een voorzichtig optimisme: zou ik er dan toch aan beginnen te wennen?

Het gaat om een type brillenglas dat opticiens dolgraag verkopen aan mensen die voor zowel `dichtbij' als `veraf' een bril nodig hebben. Vroeger kreeg je dan een glas met zo'n ingeslepen maantje als leesgedeelte, en anders was je genoodzaakt twee brillen aan te schaffen. Daarna begon de opmars van de multifocale bril, waarbij de sterkten geleidelijk in elkaar overlopen, zodat je ermee kunt lezen én in de verte zien.

Zo'n multifocale bril was ook echt iets voor mij, vond mijn opticien. Ik hoefde maar duizend gulden te betalen exclusief montuur en ik was in het bezit van een technisch godswonder. Waren er nooit problemen mee, vroeg ik. Een paar dagen, zei hij achteloos, dan was alles in orde. In zijn lange carrière had nog maar één klant van de tevredenheidsgarantie gebruikgemaakt. Dit cijfer imponeerde mij zodanig dat ik al niet meer durfde te vragen waarom die garantie ooit in het leven was geroepen.

Met blijde verwachting ging ik een paar dagen later mijn bril ophalen. In de voorafgaande periode had ik het brilgedrag van veel mensen geobserveerd. Sommigen bleken een schrikbarende neurose te hebben ontwikkeld waarvan ze alleen met intensieve gedragstherapie verlost zouden kunnen worden. Ik zag een spreker die tijdens zijn lezing om de paar minuten van bril verwisselde: hij wilde zijn tekst goed lezen en oogcontact met de zaal houden. De inhoud van zijn lezing ontging me volledig, ik kon op den duur alleen maar denken: wanneer pakt hij nu zijn andere bril? Andere mensen zag ik worstelen met montuurkoorden om hun nek, als ze niet vertwijfeld op zoek waren naar de leesbril die ze thuis hadden laten liggen.

Niets van dit alles zou mij hoeven overkomen. In stilte genoot ik alvast van mijn nakende, multifocale geluk. Ik betaalde mijn opticien en probeerde op de stoep het papiertje te lezen dat hij mij had meegegeven. Het duurde een minuut of vijf voor ik mijn hoofd in de goede leesstand had gekanteld: het was mijn tevredenheidsgarantie.

Dat is het lastige van de multifocale bril: je moet steeds opnieuw je ogen focussen en je bril als een soort camera op scherp stellen. Het went, zegt men. Maar als u iemand tegenkomt, die u niet meteen herkent, die van elke trap dreigt af te lazeren en ook verder een nogal verdwaasde, dronken indruk maakt dan ben ik dat.