Aeneas

Wie in deze krant de recensie van de nieuwe Nederlandse vertaling van de Aeneis, Het verhaal van Aeneas en het interview met de vertaalster, mevrouw M. d'Hane-Scheltema, heeft gelezen, komt allicht tot de conclusie dat het epos van Vergilius geen duidelijk plot heeft. Dat zou het roemloze einde betekenen van een eeuwenlange discussie.

Georges Dumézil, groot kenner van het archaïsche Rome, heeft in zijn `Vijftien Romeinse kwesties' van 1974 op een avontuurlijke mogelijkheid gewezen. Vergilius was een Toscaanse Etrusk die keizer Augustus duidelijk wilde maken dat Rome destijds door de Etrusken is gesticht. De keizerlijke opdracht om een epos over het ontstaan van het grote Rome te schrijven was voor Vergilius een kans om nog eens zijn gram te halen als genoegdoening voor de eeuwenlange discriminatie van de Etrusken. Aeneas is als Vergilius' alter ego de Etruskische kolonist uit Troje aan wie het grote Rome zijn bestaan heeft te danken.

De hypothese van Dumézil wordt tegenwoordig ondersteund door het archaeologische gegeven dat `Aeneas' een bestaande Etruskische cultusfiguur is geweest.