Wereld gaat topjaar tegemoet

De wereldeconomie gaat een bijzonder gunstig jaar tegemoet. De economische groei zal dit jaar wereldwijd 4,2 procent bedragen. Al de grote Westerse economieën, de opkomende economieën en de ontwikkelingslanden dragen aan de groei bij.

Maar er blijven grote onevenwichtigheden, met name rondom de economie van de Verenigde Staten.

Dit stelt het Internationale Monetaire Fonds (IMF) in zijn halfjaarlijkse World Economic Outlook. De vaart achter het herstel van de Azië-crisis is vorig jaar veel groter geweest dan het IMF had voorzien. In plaats van 2,3 procent groei die in april vorig jaar nog wereldwijd werd voorspeld, groeide de wereldeconomie in 1999 met 3,3 procent. 2000 belooft een topjaar te worden, en ook voor 2001 zijn, met een geraamde groei van 3,9 procent, de vooruitzichten gunstig.

Michael Mussa, de chef-econoom van het IMF, stelde bij de presentatie van de Outlook, dat er een kans is dat de economische groei dit jaar zelfs hoger uitvalt dan nu wordt geraamd. Met name in de Verenigde Staten vertoont de economie nog geen tekenen dat de buitengewoon hoge groeivoet in het vierde kwartaal van vorig jaar terugvalt. In de Europese Unie kan de aantrekkende conjunctuur nog meer meevallen dan nu al wordt ingecalculeerd. Het IMF voorziet voor de VS een economische groei van 4,4 procent dit jaar, die terugvalt naar 3 procent volgende jaar.

Er is een kans op een `harde landing' in de VS. Als de economische groei in 2000 hoog uitvalt, kan dat leiden tot een hogere gerealiseerde (en verwachte) inflatie, die de centrale banken er toe noopt om de rente extra op te schroeven (of de financiële markten er op voorhand van overtuigt dat dit zal gebeuren). De eurozone, de elf landen die deel uitmaken van de Economische en Monetaire Unie, groeit dit jaar met 3,2 procent, en dat geldt ook voor volgend jaar.

Azië herstelt zich snel van wat Mussa een V-vormige recessie noemde: kort en diep. Zuid-Korea, dat vorig jaar met een groei van 10,7 procent al spectaculair herstelde van een economische inzinking van 6 procent in 1998, is dit jaar met 7 procent een van de snelste groeiers. De Japanse economie moet dit jaar aan momentum winnen, met een groei van 0,9 procent die volgend jaar verdubbelt.

Ook Afrikaanse landen doen het goed dit jaar. Opvallend is vooral het herstel van de lage groei van 1998 en 1999 in Nigeria en Zuid-Afrika. In Latijns Amerika is de terugval die werd verwacht als gevolg van de besmetting door de Azië-crisis beperkt gebleken. ,,Vooral Brazilië had een ondiepe recessie,'' constateerde Mussa. Na twee jaar van vrijwel nulgroei, gaat de Braziliaanse economie nu twee jaar van 4 procent en meer tegemoet. Als gevolg van de snelle economische groei voorziet het IMF dat de rente in zowel Europa als de VS zal worden verhoogd. Voor de VS verwacht het IMF dit en volgend jaar een gemiddelde inflatie van 2,5 procent. Op de financiële markten worden verdere renteverhogingen door de Federal Reserve Board, het Amerikaanse stelsel van centrale banken, verwacht van tussen 0,5 en 0,75 procentpunt vanaf het huidige niveau van 6 procent. Het IMF stelt dat ,,een meer significante monetaire verkrapping nodig kan blijken te zijn'' om de snel groeiende vraag en de inflatiedruk te temmen.

De eurozone heeft volgens het IMF voorlopig weinig te vrezen van al te grote inflatiedruk. Hoewel het IMF vrede heeft met een verdere rentestap van een kwart punt vanaf het huidige niveau van 3,5 procent, en de Europese Centrale Bank ,,een sterke anti-inflatoire houding moet innemen', is het van belang om het economische herstel niet te hinderen met een snelle monetaire verkrapping'', aldus het IMF.

Mussa noemde drie onevenwichtigheden die de vooruitzichten onzeker maken: het gat in de betalingsbalans van vooral de Verenigde Staten, de verhouding tussen dollar, yen en euro die niet consistent is met de economische fundamenten, en de hoge aandelenkoersen, met name in de VS.

ACHTERGROND17