Israel laat 13 ontvoerde Libanezen vrij

Israel zal dertien ontvoerde Libanezen vrijlaten die zonder vorm van proces worden vastgehouden als onderhandelingskaart voor de bevrijding van de Israelische navigator Ron Arad of informatie over diens lot. Dat is meegedeeld nadat het Hooggerechtshof gisteren met 6 tegen 3 stemmen had beslist dat het in administratieve hechtenis houden van personen die geen gevaar voor de staat vormen, in strijd is met de normen van een op de wet stoelende democratische samenleving. In 1997 weigerde het Hof nog op grond van veiligheidsoverwegingen deze norm te laten prevaleren. Opperrechter Aharon Barak, die in 1997 evenals gisteren het hof voorzat, sprak gisteren zijn spijt uit over zijn vergissing van toen.

Premier Ehud Barak en chefstaf generaal Shaul Mofaz hebben zich in bedekte termen nogal kritisch uitgelaten over de uitspraak. Zij zeiden dat het schaken van de Libanezen in de jungle van het Midden-Oosten noodzakelijk was.

Arad werd in 1986 door de shi'itische beweging Amal in Libanon gevangen genomen nadat zijn vliegtuig boven Libanees gebied werd neergeschoten. Israel heeft in 1986 en 1987 dertien Libanezen als ruilobjecten voor Arad uit Libanon ontvoerd en in administratieve hechtenis gehouden. In 1994 en 1995 voegde Israel twee Libanese zwaargewichten, sjeik Abed el-Karim Obeid (Hezbollah) en Mustafa Dirani (Amal), aan de gegijzelden toe. Zij werden door Israelische commando's ontvoerd. Informatie over het lot van Ron Arad en andere sedert 1982 in Libanon vermiste Israelische soldaten kwam echter niet boven water.

Israel wil Obeid en Dirani nog niet vrijlaten. Maar juristen zijn van mening dat de principiële stellingname van het Hooggerechtshof Israel uiteindelijk ook zal nopen om deze twee op vrije voeten te stellen. Het ministerie van Defensie zou overwegen tegen hen een proces aan te spannen om een reden te hebben hen vast te houden.