Het zonnige scenario

KAN DE LAATSTE werkzoekende in Nederland binnenkort het licht in de wachtkamer van de sociale dienst uitdoen? De nationale economie groeit als kool, het aantal openstaande vacatures is groot, de geregistreerde werkloosheid laag en het kabinet worstelt met het luxeprobleem van miljardenmeevallers zowel bij de collectieve uitgaven als bij de belastinginkomsten. Er moet ver in de geschiedenis teruggegaan worden om een vergelijkbaar scenario te vinden.

Het is het seizoen van de macro-economische voorspellingen. Niet alleen in Nederland zijn de economische vooruitzichten zonnig, zoals het Centraal Planbureau (CPB) gisteren meldde. Het Internationale Monetaire Fonds (IMF) kwam eveneens met gunstige cijfers over de wereldeconomie. De snelheid waarmee Azië zich herstelt en de kracht waarmee de Amerikaanse economie doordendert, hadden het IMF volkomen verrast. In Brussel presenteerde de Europese Commissie ook al juichende voorspellingen. De Europese economie beleeft dit jaar haar beste prestatie sinds 1989 en volgend jaar kan de EU mogelijk harder groeien dan de Verenigde Staten als de Amerikaanse expansie eindelijk afzwakt. De EU is overigens wel zo eerlijk om vast te stellen dat de levensstandaard in Europa inmiddels eenderde lager is dan die in Amerika. Dat is het resultaat van de langste onafgebroken periode van groei in de Amerikaanse geschiedenis versus een decennium van trage aanpassingen in Europa.

NEDERLAND STEEKT in dit macro-economische beeld gunstig af. Hoewel ook hier het nodige valt op te merken over het poldersucces. Bijna een miljoen mensen die aan de kant zijn gezet als arbeidsongeschikten, onder wie een toenemend aantal jongeren en vrouwen, staan in schril contrast met de niet-aflatende vraag naar werknemers. Terecht stelt het CPB dat het nu of nooit is om de sociaal-economische erfstukken uit de tijd dat werkloosheid een probleem was – de WAO, de arbeidsduurverkorting, de vervroegde uittredingsregelingen, de Melkertbanen en de deeltijd – op de schop te nemen. Wat dit betreft steken de voornemens van staatssecretaris Hoogervorst (VVD, Sociale Zaken) om de WAO als gesubsidieerde arbeidsvoorziening te gebruiken, mager af.

Op één belangrijk punt begint Nederland bij de meeste andere industrielanden uit de pas te lopen, en dat is de inflatie. Voor volgend jaar verwacht het CPB een inflatiepercentage boven de drie procent. Krapte op de arbeidsmarkt en daaruit voortvloeiende hogere loonafspraken kunnen die tendens verder aanwakkeren. Maar er speelt ook een ander element: de inflatie wordt volgend jaar in belangrijke mate veroorzaakt door de prijsopdrijvende belastingverhogingen van de overheid. De BTW gaat anderhalf procentpunt omhoog (naar negentien procent), terwijl energieheffingen (bedoeld voor een beter milieu) eveneens fors stijgen. De Nederlandsche Bank heeft al eerder gewaarschuwd dat de overheid hiermee de inflatie aanwakkert.

DANKZIJ DE miljardenmeevallers bij de belastinginkomsten heeft het kabinet ruime mogelijkheden hieraan iets te doen. Nu politieke partijen (deze week de PvdA) naar buiten komen met `Wehkamp-catalogi' van wenselijkheden om extra geld uit te geven, kan het geen kwaad in herinnering te roepen dat de belastingen worden opgebracht door burgers en ondernemingen. Belastingmeevallers moeten dan ook aan hen worden teruggegeven. Bijvoorbeeld door af te zien van de BTW-verhoging, door de ecoheffingen te beperken of de schijven van de inkomstenbelasting verder te verlagen dan voorzien in de belastinghervorming voor volgend jaar. Een toptarief onder de vijftig procent en een verdere lastenverlichting aan de onderkant om het verschil tussen een baan en de bijstand groter te maken liggen voor de hand.

Het CPB waarschuwt voor het gevaar dat extra overheidsuitgaven in de huidige gunstige conjunctuur tot economische oververhitting kunnen leiden en pleit voor versnelde aflossing van de staatsschuld. Belastingverlaging kan de druk op loonstijgingen matigen, de arbeidsmarkt verder activeren en het opdrijvende inflatie-effect van de BTW-verhoging teniet doen. Het benodigde geld is dankzij de inkomstenmeevallers ruimschoots beschikbaar.