Ex-Kamerleden

Boven het artikel van mr. Jan M. Quist (NRC Handelsblad, 3 april) met de kop `Ex-Kamerleden zijn geen afdankertjes', blijkbaar geschreven in zijn vermelde hoedanigheid van directeur van een outplacementbureau voor hogere inkomensgroepen inclusief naam van dat bureau en plaats van vestiging, had de vermelding `Advertentie' niet misstaan.

Wat veel kwalijker is, is de in dat artikel geëtaleerde opvatting en misvatting van de auteur dat het in het `algemeen maatschappelijk belang' is vooral (en slechts?) de `bovenkant' (wat dat ook mag zijn) van de arbeidsmarkt te benutten en geen talenten en geïnvesteerd vermogen verloren te laten gaan. Wat het algemeen maatschappelijk onbelang is om onvoldoende aandacht te hebben voor de totale arbeidsmarkt en álle niet benutte talenten, wordt duidelijk in de vele vacatures die er zijn in onder andere ambachtelijke beroepen en in de gevolgen van en verschijnselen bij (langdurige) werkloosheid.

Overigens is het zeker een maatschappelijk algemeen belang om de wél aanwezige talenten, hoe gering ook in aantal, bij mensen aan te spreken en niet te verwijten dat mensen talenten missen. Voorzover mij bekend kiest iemand, al dan niet na gevraagd te zijn en praktisch altijd uit een betaalde, niet bedreigde werkkring, voor een kandidatuur voor een Kamerlidmaatschap. Daarmee ook aanvaardend (in elk geval behorend te aanvaarden) de consequenties dat, na eenmaal gekozen te zijn, dit voor een bepaalde periode is en soms zelfs eerder afgelopen kan zijn. Voor velen bestaat zo'n keuzemogelijkheid absoluut niet.

    • Ferdinand Hoogewoud