Alles of niets-strategie van Amsterdamse taxi-centrale

De directie van taxi-centrale TCA wil uit alle macht haar financiële belangen veiligstellen. Onderhandelaar Max Rood dreigt erop stuk te lopen.

Directeur D. Grijpink zei het al vóórdat hij het bemiddelingsvoorstel in de Amsterdamse taxiruzie had gezien: de Taxicentrale Amsterdam (TCA) accepteert het niet.

De bemiddelaar in het conflict, M. Rood, heeft nu een probleem. Zijn bemiddelingspoging geldt alléén als alle partijen, de gemeente Amsterdam, de rijksoverheid, TCA en concurrent TaxiDirekt, meedoen.

Rood wilde gisteren nog niet geloven dat TCA echt niet meer meedoet. Hij vatte de gespierde taal op als onderhandelingstactiek. Maar nu de TCA ook in een persbericht zwart op wit stelt dat de bemiddelingspoging van Rood is mislukt, is de hoop dat TCA tijdens het eindgesprek, komende zaterdag, aanwezig zal zijn, moeilijk vol te houden. Rood wilde vanochtend geen commentaar geven.

Het eindvoorstel was bij lange na niet wat de Taxicentrale, die het in Amsterdam jarenlang alléén voor het zeggen had, wilde.

Toch is Rood, die eigenlijk niet meer doet dan een manier verzinnen om de TCA zover te krijgen zich aan de wet te houden, de taxicentrale nog aardig tegemoet gekomen.

Hij stelt voor dit jaar niet meer dan 150 taxivergunningen uit te geven en volgend jaar niet meer dan driehonderd. Pas daarna wordt de vrije markt helemaal ingevoerd. Zo kan TCA wennen aan het verlies van haar monopolie.

Rood wil ook chauffeurs die in de oude situatie leningen afsloten voor een schaarse en dus dure taxi-vergunning, helpen. De gemeente Amsterdam en de rijksoverheid zouden bijdragen aan een compensatiefonds (10 miljoen gulden).

De directie van TCA is echter niet zo geïnteresseerd in de problemen van chauffeurs met hun schulden, zo bleek tijdens de gesprekken. Veel belangrijker voor de directie lijkt de vraag hoe het aangaan van nieuwe schulden in de toekomst gegarandeerd kan worden.

De taxivergunningen mogen door de nieuwe wet dan vrij verkrijgbaar zijn, TCA is niet van plan om het prijskaartje dat vanouds aan die vergunning hangt, los te laten. Voor aansluiting bij TCA moet in de toekomst gewoon betaald worden.

De directie wil de economie die de afgelopen jaren rond de TCA-certificaten is ontstaan, in stand houden en de overheid moet daar via een `garantiefonds' dat beginnende ondernemers financiert, bij helpen. Volgens kenners van de branche vraagt TCA voor certificaten (lees: aansluiting bij TCA) rond de 150 duizend gulden.

Rood dacht de TCA tegemoet te komen door met Mercedes-handelaar Stergam afspraken te maken over financiering van auto's voor beginnende taxi-ondernemers. Maar dát was niet wat de directie bedoelde. Die financiering geldt een auto. Niét de investering in een TCA-certificaat.

Om chauffeurs tot hoge investeringen in een TCA-certificaat te bewegen, moet de TCA wel iets bijzonders te bieden hebben. Daarom is de centrale zo boos dat Rood de telefoonpalen weg wil halen. TCA onderscheidde zich tot dusver van TaxiDirekt door eigen telefoonpalen.

De directieleden H. Janmaat en G. Van Gelderen, die het bij TCA voor het zeggen hebben, bezitten talloze b.v's waar taxivergunningen in zijn ondergebracht. Via ingenieuze pachtconstructies verdienden zij vele tonnen aan de handel in deze `waardepapieren'. Zij proberen met man en macht nog iets van de lucratieve industrie te behouden.

Daarmee verdedigen zij niet de belangen van de chauffeurs, meent TCA-taxiondernemer E. van Thijn die met andere `dissidente' TCA'ers de Bond van Taxiondernemers (BTO) heeft opgericht. Door de impasse lijden de chauffeurs alleen maar schade. De branche krijgt een slechte reputatie en er heerst grote onduidelijkheid over hoe het nu verder moet.

Voor de directie van TCA is het alles of niets. Als de overheid de deregulering wil invoeren en niet bereid is om de economie rond TCA-certificaten in stand te houden, heeft de directie van TCA, die de afgelopen jaren steeds verder af is komen te staan van de chauffeurs op straat, toch niets meer te verliezen. De chauffeurs die hun geld moeten verdienen met het vervoeren van klanten, hebben dat wel.

    • Daniela Hooghiemstra