Verbruggen wil versoepeling controles

Voorzitter Hein Verbruggen van de internationale wielrenunie (UCI) wil de grens van de maximaal toegestane hematocrietwaarde verhogen van 50 naar 53 procent. Volgens de Nederlandse bestuurder heeft de UCI bij de gezondheidscontroles ten onrechte een aantal renners een startverbod gegeven, met als gevolg dat zij in de publieke opinie als dopingzondaar werden afgeschilderd. ,,Dit levert ons veel negatieve publiciteit op'', zegt Verbruggen.

De UCI wil binnenkort een vergadering beleggen met renners, doktoren en ploegleiders. De ploegartsen waren bij de invoering van de gezondheidscontroles in 1997 voorstander van een grens van 50 procent, hoewel de UCI toen pleitte voor een grens van 53 procent. Verbruggen erkent dat aan beide opties nadelen kleven. ,,Bij 50 krijgen we een paar vals-positieven. Bij 53 is de kans groter dat renners manipuleren en keurig op 52 gaan zitten.''

De UCI heeft sinds 1997 gemiddeld 2500 renners per jaar op hun hematocrietwaarde gecontroleerd. Het betreft officieel geen dopingonderzoek maar een gezondheidscontrole. Aanleiding voor de maatregel was het veronderstelde gebruik van EPO in het peloton.

EPO is een eiwithormoon dat kan leiden tot bloedstollingen. Een hoge hematocrietwaarde kan duiden op het gebruik van het verboden EPO, dat niet rechtstreeks valt op te sporen in bloed of urine. Een hoge hematocrietwaarde kan ook worden veroorzaakt door stress of hoogtestages.

Volgens gegevens van de UCI hebben 15 van de 1200 wielrenners een natuurlijke waarde die boven de 50 procent ligt. Met name Colombianen, die vaak trainen en koersen in de bergen, krijgen om die reden een aparte behandeling van de UCI.

Volgens Verbruggen heeft de UCI een probleem met de pr. ,,We verzuipen in beide gevallen en zitten tussen the stone and the hard rock. Met een grens van 50 procent benadelen we een enkeling. Met een grens van 53 procent krijgen we de hele shit van de pers over ons heen, omdat we dan te mild zouden zijn.''

De Nederlandse arts Lon Schattenberg, voorzitter van de medische commissie van de UCI, is voorstander van een hematocrietgrens van 53 procent. ,,Maar het is geen wet van Meden en Perzen. Van de gemiddelde mannelijke bevolking zit 3 tot 5 procent boven de hematocrietgrens van 50 procent. En 14 procent zit boven de 47 procent. Dan zit je dus al gauw in de gevarenzone.''

Ploegarts Geert Leinders van Rabobank blijft tegenstander van een hematocrietgrens van 53 procent. ,,Het is een verscheurde keuze en toch is een grens van 50 het minst slechte compromis. Er is geen oplossing. Zolang we geen doden krijgen of speculaties over doden, blijf ik voorstander van een grens van 50.''

Volgens Leinders hebben drie of vier renners van Rabobank een relatief hoge hematocrietwaarde die boven 47 procent ligt. ,,Met die jongens ga ik met schrik naar de controle. Bij een kleine meetfout hebben we meteen een probleem.''

Leinders was vorig jaar betrokken bij het startverbod dat Erik Dekker tijdens de WK kreeg opgelegd wegens een te hoge hematocrietwaarde. De renner werd na een intern onderzoek onschuldig verklaard. De hoge waarde zou een gevolg zijn van onzorgvuldig handelen van de controleurs, die het stuwbandje te strak hadden aangespannen.