Eerste veroordeling in `beursfraude'-delict

De rechtbank veroordeelde gisteren een vrouw in de Clickfondsaffaire. Het vonnis zegt niets over de komende grote zaken.

Een succesje voor de Amsterdamse fraudeofficier Henk de Graaff. Gistermiddag veroordeelde de rechtbank weduwe Ineke de J. wegens belastingfraude en valsheid in geschrifte tot zes maanden cel (waarvan drie voorwaardelijk; de rest wordt dienstverlening) en een ton boete. De zaak is onderdeel van `Operatie Clickfonds', het grote onderzoek naar beursgerelateerde fraude. Na maanden van stilte heeft justitie twee weken geleden de rechtsgang in de affaire hervat, waarvan de zaak tegen De J. de eerste was.

Voor het eerst is ook een veroordeling uitgesproken in wat een `beursfraudedelict' kan worden genoemd. Eerder werden in de Clickfondsaffaire alleen personen veroordeeld om fiscale overtredingen. Dat leverde het Openbaar Ministerie (OM) de kritiek op dat het met grote `beursfraudeverdenkingen' te hoog van de toren had geblazen.

In het geval van De J. is weliswaar sprake van belastingontduiking, maar de manier waarop dat gebeurde heeft de zweem van beursfraude. De J. maakte regelmatig geld over naar Zwitserland, waar het werd beheerd door de daar woonachtige D. de Groot. Die stortte het, onder het mom van vermogenswinst, terug op de rekening van De J., waarbij volgens het OM gebruik werd gemaakt van valse effectennota's. Die werden door De J. en haar inmiddels overleden echtgenoot voor de fiscus gebruikt om geld in feite wit te wassen. De J. ontkent dat zij van de constructie op de hoogte was; volgens haar had zij slechts in opdracht van haar man gehandeld.

Het tweede winstpuntje voor De Graaff betreft de beslissing van de rechtbank over het bezwaar van de advocaat van De J. dat het in Zwitserland vergaarde bewijs onrechtmatig zou zijn. Zwitserse informatie mag niet voor fiscale delicten worden gebruikt en dat zou hier wel zijn gebeurd. Maar rechter Mastboom oordeelde dat het in de zaak De J. om valsheid in geschrifte gaat, waarvoor wel rechtshulp aan Bern mag worden gevraagd. Dat nuanceert het door sommige raadslieden aangevoerde argument dat alle informatie uit Zwitserland onbruikbaar zou zijn.

Voor De Graaff is de veroordeling een lichtpuntje in het slepende Clickfondsonderzoek. Toch past relativering. De zaken die justitie nu voorbrengt zijn betrekkelijk klein en vrij `hard' voor het OM. Maar de echt grote zaken, vooral tegen de hoofdverdachten, moeten nog komen. Juist in deze dossiers zal het OM zwaardere beursgerelateerde delicten als voorwetenschap, witwassen van crimineel geld en het bestaan van een criminele organisatie die vooropgezet belastingontduiking faciliteerde moeten aantonen. Bovendien zal het `Zwitserse vraagstuk' opnieuw ter discussie komen. De problemen rond de informatievergaring uit Bern liggen veel complexer dan alleen maar de vraag of de verkregen gegevens slechts voor fiscale doeleinden mogen worden gebruikt.

In de formulering van de rechtshulpverzoeken zijn er meer kwestieuze punten, zo stellen advocaten. Zij noemen bijvoorbeeld het vermeende gebruik van informatie over een verdachte in een ander dossier of het ten onrechte leggen van een verbinding tussen een verdachte en criminele activiteiten. In dat perspectief was de zaak De J. nog maar een kleine affaire; het echte spel in Operatie Clickfonds moet nog op de wagen.

DOSSIER www.nrc.nl