Angela Merkel

NA DRIEKWART JAAR guerrilla in eigen gelederen, heeft de CDU weer een breed gedragen partijleiding. Met de keuze voor Angela Merkel als nieuwe voorzitter hebben de christen-democraten gisteren op hun congres in Essen duidelijk gemaakt dat ze niet verslagen zijn door de zwartgeldaffaire.

Hoewel al enige maanden onvermijdelijk, blijft de verkiezing van Merkel in veel opzichten opmerkelijk. Niet omdat ze ruim 95 procent van de stemmen kreeg, een mandaat dat in minder democratische landen vooral met spot en argwaan zou zijn ontvangen. De opmars van Merkel illustreert vooral dat een aantal hardnekkige axiomata kantelt. De christen-democraten hebben hun hoop gevestigd op jongeren van ver na de oorlog, ongeacht hun afkomst. Merkel is 45 jaar, de nieuwe fractieleider van de CDU/CSU in de Bondsdag (Friedrich Merz) nog jonger. Merkel is niet katholiek maar protestants. Dat is een breuk met de traditie die door Adenauer en Kohl (de CDU'ers die de Bondsrepubliek ruim dertig jaar hebben gedomineerd) in ere werd gehouden. Ze komt bovendien uit de voormalige DDR, hetgeen voor Wessies eveneens wennen is. En Merkel is de eerste vrouw op deze positie in de geschiedenis. Het sympathiek bedoelde maar ook depreciërende `meisje', waarmee de gisteren in Essen wederom afwezige Kohl haar placht te kwalificeren, is nu verleden tijd.

WAT WIL MERKEL? Haar toespraak tot het partijvolk gisteren bevatte een mengeling van modern communitarisme (verzoening van markt en maatschappij) en klassiek conservatisme (geen homohuwelijk). Met haar pleidooi voor de Heimat en tegen een al te liberaal asielbeleid vertolkte ze eveneens gevoelens die in Duitsland veel dieper zijn geworteld dan de buitenwereld wil begrijpen. Merkel kent de CDU dus beter dan menigeen een jaar geleden voor mogelijk hield.

Strijdlustig heeft Merkel gisteren aldus de strijdbijl opgegraven voor het politieke gevecht met de rood-groene coalitie in Berlijn. Dat is positief. Een regering zonder oppositie is niet alleen een gevaar voor zichzelf, maar ook de dood in de pot van een levende democratie.

Maar het echte werk begint pas. Het politieke landschap in Duitsland verschuift namelijk. Terwijl de SPD van kanselier Schröder afgelopen weekeinde ter linkerzijde een concurrent zichzelf in de nesten zag werken – de ex-communistische PDS, die niet bereid was tot de koerswending waarvoor de slimme Gregor Gysi had geijverd en zo een potentiële doorbraak liet lopen – moet de CDU haar flanken juist afdekken. Het bondgenootschap met de CSU, de zusterpartij uit Beieren die buiten deze deelstaat niet mag werven maar daarmee heimelijk wel dreigt, vereist snel tactisch vernuft van Merkel. Tegelijkertijd mag de CDU de nieuwe middenklasse in Duitsland niet van zich vervreemden. Dat noopt tot strategische keuzes, die juist tijd vergen.

De CDU van Merkel en Merz zal dan ook dieper moeten graven dan de Heimat wellicht lief is.