Column

Supporter

Dus nu is ook het tennis geïnfecteerd. We moeten nog even wennen aan het woord, maar ze bestaan: tennishooligans. Wanneer valt de eerste tennisdode? Een met zeventien messteken afgeslachte supporter. Autoracerellen waren er vorig jaar al tussen Ferrari-fans en Mc Laren-aanhangers. Toen vielen er gewonden. Toch is dit niet de eerste tennisrel. Thomas Muster heeft in Brazilië ook al eens moeten rennen voor zijn leven. Zullen er ook hockeyhooligans komen? IJshockeyknokken bestaat al. Zowel op het ijs als op de tribune, maar een peloton ME bij het Amstelveense Wagenerstadion heb ik nog niet gezien en acht ik nauwelijks voorstelbaar. Wel gooide daar ooit een Pakistani een vol bierblikje op het kunstgras. Hij probeerde een Indiër te raken. Dit had alles met Kashmir te maken. Golfoorlogen zijn ook al gevoerd. Publiek dat ging schreeuwen op het moment dat er eentje stond te putten. Verblinden met spiegeltjes schijnt ook een truc te zijn in die ooit zo keurige sport. Mobiele telefoons op het moment suprême laten afgaan. Ondertussen probeer ik het allemaal te snappen. Wat drijft een supporter? Hoe ver ga je? Wat heb je er voor over? Je leven?

Welke sporten zijn nog relvrij? Bij een basketbalpotje heb ik ook al een keer alle stoeltjes door de lucht zien vliegen. Bij paardrijden is het nog redelijk kalm. En bridgehooligans? Dat lijkt me wel wat. Een krijsende en vechtende tribune tijdens een potje kaarten. Het zal wel beginnen bij het klaverjassen. Dat is net een tikje ordinairder. Maar het waait natuurlijk snel over naar het chique bridge. Dat iemand later zegt: ,,Was jouw broer niet de eerste bridgedode?'' En dat je dan antwoordt: ,,Nee, dat was mijn neefje. Mijn broer is die jongen daar in dat wagentje. Dwarslaesie. Heeft nu wel alle tijd om te kaarten.'' Wat ik vanavond doe? Ik ga met een clubje vrienden de jetski's van de tegenstander slopen. Heerlijk: het is lente.