Monoloog van een moordenaar zonder berouw

Aan het slot van Kreutzersonate, een solo door Hugo Koolschijn, is de acteur zichtbaar aangeslagen door zijn eigen emoties. Dat is een manier van toneelspelen die nog maar zelden is te zien, wars van elke ironie, distantie. Koolschijn zit als een door spijt en berouw uitgeholde man op de bank. Uitstekende jukbeenderen, felle ogen met iets van waanzin erin.

Hij speelt de hoofdpersoon uit de novelle De Kreutzersonate (1889) van Leo Tolstoj, het verhaal van een huwelijkstragedie. Een man vermoordt zijn vrouw. De motieven van zijn wandaad zijn divers: hij is jaloers, vermoedt dat ze overspel pleegt met een man die gevoelig viool speelt. En bovenal: na een korte gelukkige tijd begon de man zich dodelijk aan haar te ergeren. De manier waarop ze haar thee dronk, waarop ze praatte, liep. Het werd een inferno. In hoeverre Tolstojs eigen huwelijkservaring met Sofja Behrs een rol speelt, is niet aan de orde. Wel is de crisis in Kreutzersonate met angstwekkende precisie en een ijselijk analytisch vermogen getekend.

In de regie van actrice Petra Laseur brengt Koolschijn het verhaal, dat hijzelf bewerkte, als een litanie. Even klinkt de sonate voor piano en viool zelf op. Dan ontbrandt de man in zijn heftig gespeelde woede. Hij is teruggekeerd uit de gevangenis, kwam tot inkeer en inzicht – maar toont geen berouw. Het vermeende overspel maakte hem gek. En jegens de toeschouwers, die als een rechtbank fungeren, houdt hij zijn monoloog. Af en toe staat hij op, loopt naar de muur en weer terug naar de bank. Een gekooide leeuw. Op klinische wijze verbeeldt Koolschijn hoe hij de vrouw wurgde. Zijn handen tekenen zich wit af in de duistere ruimte.

De kracht van de monoloog schuilt in het besef dat de man de moord pleegde `in het licht van het bewustzijn'. Zo acteert Koolschijn, koel, lucide. Geen razernij. Pas aan het slot laat hij pathos toe. Dat volle bewustzijn maakt van de man, uiteindelijk, een koele moordenaar. Hij haatte zijn vrouw. Maar zoveel haat, dat heeft iets onwaarschijnlijks. Waarom is de man niet weggegaan? De moraal verhinderde dat. Dus moord. Koolschijns dwingende spel maakt duidelijk dat dit de enige uitweg is, al luister je er met ongeloof en zelfs verbijstering naar.

Voorstelling: Kreutzersonate naar Leo Tolstoj. Spel: Hugo Koolschijn. Regie: Petra Laseur. Gezien 6/4 Grote Foyer Stadsschouwburg Amsterdam. Te zien t/m 15/4 aldaar. Aanvang: 12.30 uur. Inl.: 020-6242311.