Voorjaarsparadoxen

MET EEN NIEUWE LENTE is ook een nieuwe drugsnota op komst. En daarmee barst het spel der paradoxen weer los, dat niet alleen typerend is voor de voorjaarsdrift maar zeker ook voor het Nederlandse drugsbeleid dat in hoge mate een gedoogbeleid is. Er is de nodige spanning tussen `de voordeur' en `de achterdeur', tussen de getolereerde coffeeshop en de verboden groothandel die voor de bevoorrading moet zorgen. En dan is er xtc. De bestrijding van productie en handel van dit middel heeft terecht een hoge prioriteit bij politie en justitie, maar consumenten kunnen hun portie wel zonder bezwaar van de overheid laten testen op houseparties.

Voor sommigen zijn de tegenstellingen zo groot dat zij vinden dat er een eind moet worden gemaakt aan het gedoogbeleid, te beginnen met het sluiten van alle coffeeshops. Dat zou het in elk geval goed doen in menige Europese hoofdstad. Dat is echter het kind met het badwater weggooien. De scheiding van markten voor hard- en softdrugs, de primaire doelstelling van het gedoogbeleid, is nog steeds een belangrijk middel om jonge mensen zoveel mogelijk uit de werkelijk slechte circuits te houden. Dat wordt buiten de Europese regeringskastelen trouwens ook steeds meer erkend door diverse bestuurders.

Een patentoplossing is gedogen echter nooit. Het grote gevaar is dat het wordt verward met een ,,laat maar waaien-beleid'', zoals het in de Tweede Kamer is genoemd. Gedogen vraagt om verhoogde oplettendheid van de overheid. Zonder dat wordt het al gauw ,,gedogen in het kwadraat'', zoals een van de deskundigen op dit gebied het heeft uitgedrukt. Nederland heeft deze harde les geleerd door toenemende overlast, drugstoerisme en criminele commercialisering van zowel de import als eigen teelt van `wiet'.

HET WAS ONVERMIJDELIJK dat het gedoogbeleid de laatste jaren werd aangescherpt, met als gevolg een duidelijke reductie van het aantal coffeeshops. Even onvermijdelijk leidt dat tot een toename van het aantal illegale verkooppunten (huisdealers, koeriersdiensten, straathandelaren), die nog minder te controleren zijn. Het is oppassen dat deze trend op zijn beurt niet te ver doorschiet.

In het voetspoor van de burgemeesters van een aantal steden bepleit D66 de gedoogde coffeeshops te binden aan een systeem van toegelaten productie van zogeheten nederwiet, teelt van eigen bodem. Dat is een interessante optie, die vooralsnog slechts van academisch belang is. Zij stelt een extra premie op crimimele import, want er zijn geen aanwijzingen dat de consument zijn buitenlandse `stickie' opeens zal afzweren. De bepleite overheidsregie heeft bovendien het principiële bezwaar dat de grens van het gedogen wordt overschreden. Dat staat op gespannen voet met de Nederlandse verdragsverplichtingen en valt niet te verkopen aan de Europese partners. Nederland heeft hen op allerlei punten nodig. Moeizame evenwichtskunst is voorlopig het enige wat er op zit.