Maxima (1)

Elsbeth Etty boog zich in haar column `Dichter bij Maxima' (Z 25 maart) over de vraag of men kinderen de schuld kan geven voor wat hun ouders gedaan hebben. Haar antwoord is nee. Zij wijst daarin op de mensenrechten. Gelijk heeft ze. Maar is kinderen de schuld van hun ouders in de schoenen schuiven `achterlijk'? Etty verwijst naar een bijbelse bepaling. Daarin staat dat God de misdaden van de ouders op het bordje legt van hun kinderen en hun kinderen – vier generaties lang.

Deze wet is niet achterlijk; zij wordt verkeerd begrepen, omdat men geen onderscheid maakt tussen schuld en verantwoordelijkheid. Een uitstaande schuld treft allereerst de slachtoffers van die schuld. Als kinderen de verantwoordelijkheid voor de schuld van hun ouders op zich nemen, doen zij dit ter wille van de slachtoffers. In een samenleving waarin het normaal is zo'n erfenis te weigeren, hopen de slachtoffers zich generatie na generatie op, totdat er een revolutie uitbreekt en de schuld alsnog vereffend wordt.

In onze samenleving hebben bankdirecteuren de verantwoordelijkheid genomen voor de schuld van hun voorgangers die na de oorlog niet netjes met de Joodse tegoeden zijn omgegaan.

Paars II heeft de verantwoordelijkheid genomen voor de schuld van onze naoorlogse kabinetten. Men is de nabestaanden van vermoorde joden en zigeuners tegemoet gekomen.

Hieruit valt af te leiden dat het in onze samenleving normaal is om zich aan die `achterlijke' wet van God te houden – ook al kost het moeite en vereist het historische kennis.

Wat betekent dit in het geval van Maxima? Zij kan niet veel doen. Maar zij zou zich bij de Dwaze Moeders kunnen verontschuldigen voor de schuld van haar vader. Zij hoeft dit niet te doen als haar vader zich bij hen zou verontschuldigen voor de schuld van zijn regering. Onze kroonprins zou dan een smetteloze schoonfamilie hebben, waaraan veel Nederlanders een voorbeeld kunnen nemen.