Hollands Dagboek: Annette van Riemsdijk

Annette van Riemsdijk (37) is als `mediator' gespecialiseerd in het bemiddelen bij echtscheidingen. Deze week vierde de Vereniging Advocaat-Scheidingsbemiddelaars haar tienjarig bestaan. Van Riemsdijk, die advocaat is bij CMS Derks Star Busmann Hanotiau, is getrouwd en heeft twee kinderen van twee en vijf jaar.

Woensdag 29 maart

Deze dag begint matig: ik zie er uit alsof ik mijn gezicht heb `gescrubd' met Vim en vervolgens heb `gehydrateerd' met smeerolie. De tv-make-up van gisteren (ik was gast in het programma Catherine van RTL 4) heeft me weinig goed gedaan. Of zijn het de spanningen voor het congres en het daarbijbehorende missen van Paul en de kids? Mijn sectiegenoten lachen mijn ijdele worsteling weg en roepen blijmoedig dat ik tenminste kleur op mijn gezicht heb.

De laatste dag voor het congres van de Vereniging-Advocaat- scheidingsbemiddelaars (VAS). Met een paar mede-publiciteitscommissarissen maken we nog een korte balans op. Alles lijkt geregeld te zijn. Een heerlijk gevoel dat ik, in ieder geval morgen, niets hoef te doen en mag luisteren naar echt interessante gastsprekers en genieten van het weerzien van vele medepioniers in `mediation'-land en andere bekenden. Bij mediation begeleiden (oud-)rechters, advocaten en psychologen bij echtscheidingen totdat een voor beide partijen aanvaardbare oplossing is gevonden.

Op kantoor is het druk. Na een mediation-sessie te hebben geleid, wacht mij in mijn lunchpauze – want dat was nog het enige vrije plekje deze week – een cliënt die behoed moet worden voor het verlies van zijn kinderen. Hij heeft foto's bij zich van zijn kinderen, over wie hij samen met zijn ex na de scheiding al ruim drie jaar het co-ouderschap voert. Opeens heeft mevrouw besloten dat dit anders moet: een zogenoemde `eens in de twee weken een weekendregeling'. Cliënt is – terecht – woest. Om wie gaat het nou eigenlijk? De kinderen of haar onverwerkte scheidingsproblematiek? Kon je in zo'n geval mevrouw maar benaderen en uitleggen dat zij, cliënt en de kinderen een gemeenschappelijk belang hebben met elkaar te spreken over wat er nu eigenlijk aan de hand is. Helaas verbiedt de advocatenwet mij dit.

Mijn hoop is gevestigd op het ministerie van Justitie dat vorige week het zogenoemde Mediation-project is begonnen. Mensen die bij aanvang van een geschil mediation nog niet zagen zitten, krijgen nu tenminste een tweede kans. Voor iedereen die nu in een procedure verwikkeld zit: vraag uw advocaat of hij uw zaak voor wil stellen voor mediation. Geheid bent u dan heel wat jaren van uw leven en duiten (vanwege het ontbreken van verdere advieskosten) rijker en voorkomt u verdere beschadiging van uw belangen.

Ik schuif aan bij een aantal kantoorgenoten in het bedrijfsrestaurant. Zoals, naar ik aanneem, op ieder groot advocatenkantoor gaat het tafelgesprek in deze hectische tijden (voor advocatuur en accountancy) over wie nu weer van het ene kantoor is overgestapt naar het andere kantoor. Van de top vijf zijn wij in dat opzicht het minst roerig. Simpel gezegd, we zijn gewoon een `club' en willen dat ook graag blijven. Frans (onze bestuursvoorzitter) merkt op dat wij ons natuurlijk strategisch moeten blijven oriënteren. Wij bespreken lachend dat het raadzaam is om daarover extern geen misverstanden te laten bestaan.

Na de lunch terug naar mijn werkkamer waar mij 21 briefjes liggen te wachten van ingaande telefoontjes. Ik heb precies 25 minuten om terug te bellen. Ik moet Charley (ons dochterje van 5) ophalen van ballet. Kopje thee en dan ook Pico (ons zoontje van 2), net ontwaakt uit zijn middagslaap oppikken. De kinderen pakken met belangstelling mijn net ingepakte congrestas uit, terwijl ik nog even een aantal bijzondere genodigden voor het congres bel.

Donderdag

Zeven uur gaat de wekker en een half uur later staan we, zoals iedere ochtend toch weer te laat, op. Ik breng Charley naar haar (Montessori-)school: het stimulerendste en intiemste schooltje van Nederland. Ze verheugt zich op een avondje zonder mama. Dit betekent namelijk pizza eten met papa en broer.

Geheel op schema zit ik voor negen uur op de snelweg. Bij aankomst in Sint Michielsgestel een kleine organisatorische schok: voor de incheck-balie staat een rij deelnemers die tot buiten reikt, terwijl de opening van het congres over zeven minuten plaats moet vinden. Loes lacht mijn zorg weg en weet iedereen de grote zaal in te krijgen zodat alles volgens planning loopt.

Jan van Oldenborgh (oprichter en de eerste voorzitter van de VAS) opent het congres. Wie wist tien jaar geleden wat bemiddeling was? Jan memoreert de openheid van geest van Jaap Glasz (toen landelijk deken) die het pleit bezorgde voor de advocaat-bemiddelaar. Met genoegen kijkt Jan de zaal in met (denk ik) zeker 500 mensen. Ongelooflijk dat er anno 2000 ruim 1.100 geregistreerde bemiddelaars zijn.

Na de lunch luister ik drie uur naar Hans Loots die een nieuwe onderhandelingsmethode aan het ontwikkelen is. Het antwoord op de Harvard-methode `getting to yes'. Kort gezegd is de boodschap van Hans dat het bij de oplossing van een conflict niet alleen moet gaan om de behartiging van individuele belangen, maar dat het algemene belang, althans de basis verantwoordelijkheden van ieder mens als – kennelijk – opgetekend door de Verenigde Naties in het geding zijn. Naar aanleiding van Hans' wetenschapsfilosofische benadering ontvouwt zich een discussie over de zin in en de zin van een conflict.

Ik ontsnap even naar mijn kamer. Voor een moeder van jonge kinderen is het geweldig om een reistasje uit te pakken dat uit niet veel meer bestaat dan uit een tandenborstel, een boek en een set kleding. Mijn retraite gebruik ik om nog twee cliënten terug te bellen. Mijn hartsvriendin Odette M. belt dat ze – god betere het – iedere dag het programma van Catherine heeft opgenomen maar mij niet zag. Ik meld haar dat ik ook niet weet wanneer het wordt uitgezonden maar het mail zodra ik het weet. Vanavond treedt een cabaret op dat deels bestaat uit ex-collega's van mijn oude kantoor uit Haarlem. Het weerzien – ik mag even achter de coulissen – is hartverwarmend. Een van de mensen die ik in mijn leven het hoogst heb geacht is Eddy Herz. Hij is 8 jaar geleden overleden. Zijn weduwe, is een van de cabaretleden. We hebben het over Ed en schieten allebei vol. Het diner en het feest zijn geweldig. Om 3.30 uur rol ik mijn bed in.

Vrijdag

Enigszins brak en gedesoriënteerd begeef ik mij iets voor achten naar de ontbijtzaal. Ik heb afgesproken met Carien, een van mijn sectiegenoten, naar een controversiële workshop op Gestaltbasis te gaan. De workshop gaat van start met een demonstratie over mensen met bepaalde seksuele problemen. Nee, dit boeit mij 's ochtends om negen uur niet. Excuses mompelend en knipogen uitwisselend met Carien, schuifel ik weg om mij deemoedig aan te sluiten bij de oorspronkelijk geplande workshop over `dynamische oordeelsvorming'. Ik moet iets eerder weg om de pers en een aantal bijzondere genodigden op te vangen.

's Middags neem ik deel aan de revolutionairste workshop van dit congres. `Betrek je kinderen in de bemiddeling?' De weerstanden van de deelnemers zijn aanvankelijk enorm. Toch gaan velen `om'. Tja, waarom vinden wij het eigenlijk zo gek om een kind te vragen hoe zijn of haar situatie tijdens het huwelijk was. In Scandinavië is dat al jaren regel.

Het congres loopt ten einde. Iedereen is enthousiast en vermoeid. Van serieuze vakinhoudelijke colleges switch je naar het feestgedruis dat hoort bij een lustrumcongres. Een brede maar zeer plezierige boog.

Om 17.59 uur sta ik voor de crèche. De kinderen juichen en roepen `weekend'. Bij aankomst thuis knipper ik met mijn ogen. Ik liet het huis wit achter, maar het is nu zandkleurig. Slik. Ik ben te moe om me af te vragen of ik het eigenlijk wel mooi vind.

Zaterdag

Ik leg de kinderen uit dat je op 1 april grappen mag maken. Charley vraagt of ik dat voor kan doen. Oké. Paul slaapt nog. Hij realiseert zich niet dat het 1 april is en wordt dus slachtoffer. Ik ga de prachtige keuken (Is dit ons huis?) in en gil drie keer melodramatisch O Neeeeeee! Paul springt uit zijn bed ,,Tet, wat is er?'' ,,Lekkage, schilderwerk'', gil ik naar boven. Voordat Paul beneden is om de schade op te nemen kwelen wij gedrieën: `1 april'.

Vandaag is het feest, mijn jongste broer Pieter is jarig en heeft voor de gelegenheid samen met zijn vrouw een open boot gehuurd waar we met de hele familie en picknickmand mee door de Amsterdamse grachten varen. De kinderen onder de vier jaar krijgen een zwemvest aan. Dit leidt tot luide protesten van mijn zoon. Het is warm en droog weer. Ik geniet. Af en toe doe ik mijn ogen dicht en luister naar het water – wat kan op een elektrische boot – en gekakel van mijn familie. Ik zit lekker naast mijn moeder. Grote steun en toeverlaat van mij en mijn broers.

De conversatie neemt een lastige wending als Paul meldt dat we een labrador pup krijgen in de eerste week van mei. Ik haal de toorn van mijn familie op mijn hals. Onverantwoordelijk. Heb je het niet druk genoeg met je advocatenpraktijk, nevenfuncties, besturen etc. Ik probeer te ontvluchten aan dit gesprek met een nieuwe net-op-het-congres-geleerde-techniek. Het werkt. Maar, zegt Paul later, het is wel heel veel werk hoor zo'n hondje. Iedere dag uitlaten. Als ook later in de week de oppas meldt niet op de hond te willen passen heb ik mijn `hondenpleit' verloren. Heimelijk vind ik dit bij nader inzien toch wel rustig. Ik koop wel konijntjes voor de kinderen.

Vlak voordat we aan wal gaan, springt Pico bij Paul op schoot. Kennelijk blijft hij achter Pauls bril haken. Tot ieders stomme verbazing valt Pauls bril in de Keizersgracht. Suffig zetten we de boot in zijn achteruit. De bril ligt natuurlijk allang op de bodem van de gracht.

Zondag

Na een uitgebreid ontbijt, bestaande uit pannenkoeken, boerenbrood en heel veel eieren en koffie voor Paul en mij, besluiten we niets cerebraals te doen. We ontruimen nog een kamer voor de schilders, rommelen in de tuin en ik herstel glas in lood in de speelkamer van de kinderen. Vandaag alleen maar handenarbeid. Ik schrijf geen letter. Dat komt morgen wel weer.

Maandag

Om de andere week ben ik 'smaandags thuis met de kinderen. Een huis waar geschilderd wordt, is per definitie geen ideale plaats voor jongetjes van twee. Natte deurposten, kleine vingerafdrukjes overal. Ik loop met Pico het bos in.

Thuis gekomen gaat Pico slapen en kan ik nog aan een zaak werken. Om 15.30 uur is het afgelopen met de rust en ga ik moederen. Vandaag mogen de kinderen helpen koken. Dé manier om er een gezonde maaltijd in te krijgen. Wat je zelf maakt is altijd lekker.

Dinsdag

Weer naar kantoor. Ik voel me alsof ik drie weken met vakantie ben geweest terwijl ik maar drie werkdagen niet op kantoor was. De stapel `things to do' is enorm. Al snel merk ik aan mijn frustratietolerantie dat dit zeker niet de eerste werkdag is na een lange vakantie. Ik bel Paul. Op dinsdag verzorgt hij de kinderen. Mijn stemming doet ons besluiten deze week maar direct onze Italiaanse vakantie te plannen. Regelen kan ik het vandaag niet, zie ik aan mijn agenda: twee mediation-sessies, een bespreking in een gewone zaak en volgende week staan er vier zittingen gepland. Zal ik maar beginnen met het maken van pleitnota's. Neen, vol goede moed en nieuwe onderhandelingstechnieken bel ik mijn wederpartijen. `Heeft u wel eens van mediation gehoord? U weet wel, professionele bemiddeling...'

Woensdag 5 april

Voor dag en dauw opgestaan om uit te vinden welke kleur ik uiteindelijk op de muren wil. Ik besluit me te onderwerpen aan het advies van de schilder. Na het wekelijkse sectie-overleg, de terugbelronde en een bespreking, krijg ik een flow en werk ik in twee uur de schade van drie dagen afwezigheid weg.

Verlost van de stress ga ik na een productieve ochtend op kantoor en voor het woensdagmiddagritueel met de kinderen bossen lathyrus kopen in de prachtigste tinten lila en roze. Tijd bestaat niet. Het is lente.

Waar gaat het haar eigenlijk om? Om de kinderen of om de onverwerkte scheiding?

Lathyrus gekocht in lila en roze tinten. Tijd bestaat niet. Het is lente

    • Annette van Riemsdijk