Dertigers met vuur in de kuiten

Het wielerpeloton telt ook dit seizoen veel dertigers die hun erelijst uitbreiden. Lichamelijke ongemakken worden gecompenseerd door geestelijke rijpheid. Over de kunst van het langzaam ouder worden.

Markante koppen en doorgewinterde wielerlijven sieren de wielerpodia. De dertigers weten niet van wijken. Met ervaring en koersinzicht compenseren ze de stijvere spiermassa's. De 34-jarige Johan Museeuw won zes weken geleden de Omloop Het Volk. De 37-jarige Andrei Tsjmil won vorige week de Ronde van Vlaanderen. Hoe oud is de winnaar van Parijs-Roubaix, de helletocht die morgen wordt verreden?

Op de Franse kasseien zijn de (zwaarder gebouwde) dertigers in het voordeel. Ze zitten stevig in het zadel en zijn beter bestand tegen zandstormen of modderpoelen. Parijs-Roubaix is geen koers voor beginnende beroepsrenners. De latere winnaars hebben de wedstrijd leren doorgronden in het achterveld. Talent en goede vorm zijn niet voldoende om een zware klassieker te winnen.

Adrie van Diemen is inspanningsfysioloog bij de Rabobankploeg. Hij heeft een wetenschappelijke verklaring voor de uitblinkersrol van de dertigers. ,,Bij een sportman van twintig jaar begint de maximale zuurstofopname licht te dalen. Maar door krachttraining neemt de efficiëntie toe. De maximale lactaat blijft stabiel. De souplesse neemt af, de wilskracht wordt steeds groter.''

Volgens Van Diemen zijn dertigers vooral succesvol bij duursporten zoals wielrennen, atletiek en triatlon. Afgelopen weekeinde stond de 42-jarige Rob Barel nog op het erepodium bij een triatlon op Hawaii. ,,Contactsporters zoals voetballers krijgen eerder schade aan het spierstelsel'', zegt Van Diemen. ,,Bij wielrenners worden de spieren ook zwaar belast, maar niet schoksgewijs. Ze krijgen minder snel last van littekenweefsel, waardoor de kwaliteit van de spieren niet zo snel vermindert.''

Van Diemen vertelt over een 71-jarige wielrenner die hij al jaren begeleidt. De man zit nog vrijwel dagelijks op de fiets en hij blijkt bij de fysiologische testen steeds hoger te scoren. Van Diemen: ,,Hoe ouder je wordt, hoe meer jaren je hebt getraind, hoe langzamer je spierweefsel wordt, hoe meer geschikt je bent voor duursporten. Het zijn juist de jonge honden die snel geblesseerd raken.''

De 53-jarige Lucien van Impe was een wielrenner die op latere leeftijd succesvol bleef. Hij werd in 1983 kampioen van België op 37-jarige leeftijd. In hetzelfde jaar eindigde hij als derde in de Tour de France. ,,Ik ging geen meter te voet, want één duw te veel is één meter tekort aan het eind van de rit'', zegt Van Impe. ,,Ik kon mezelf wegsteken door de ondervinding. Alles was perfect berekend. Het lichaam werd zwakker, maar de geest werd sterker. Pas toen ik bijna 40 was, voelde ik dat de goesting minder werd. Ik kon niet meer afzien en besloot te stoppen.''

Volgens Van Impe zijn de dertigers in het peloton van oudsher goed vertegenwoordigd. ,,Laatbloeiers zijn van alledag. Iemand als Tsjmil krijgt nog meer moraal na zo'n overwinning in Vlaanderen. En hij krijgt meer geld, dat moet u ook niet vergeten. Hij gaat het daarom nog wel een paar jaartjes volhouden. Ik zeg altijd: de ideale leeftijd bestaat niet. Voetballisten krijgen eerder blijvend letsel dan coureurs. Daarom zijn ze eerder opgebrand.''

Theo de Rooy is ploegleider van Rabobank. Hij beëindigde zijn wielerloopbaan op 33-jarige leeftijd. Het lichaam was nog niet versleten, maar de geest was uitgewerkt. De Rooy had in die periode problemen thuis. Hij bevestigt het vooroordeel dat een sportman baat heeft bij een rustig gezinsleven. ,,Alles moet wijken voor de fiets. Daarom heeft een coureur een vrouw nodig die honderd procent achter hem staat'', meent De Rooy die weer gelukkig getrouwd is.

De Rooy maakt een vergelijking tussen de Waalse `playboy' Vandenbroucke en de Moldavische `krijger' Tsjmil. ,,Ik heb m'n twijfels of Frank het lang gaat volhouden'', zegt De Rooy. ,,Hij is dé tegenpool van Tsjmil. Die kan zijn leven inrichten in functie van de topsport. Dat is een absolute voorwaarde voor succes.''

Volgens De Rooy spelen ervaring en beroepsernst vooral een rol bij eendaagse wedstrijden. ,,In de Tour of de Giro zijn de lichamelijke capaciteiten belangrijker'', verwijst hij (onbewust) naar de opmerkelijke loopbaan van Hennie Kuiper, die zich van ronderenner tot specialist in de klassiekers ontwikkelde. De Rooy: ,,Een jonge renner kan minder kilometers maken op de training, wat nodig is om in de koers 270 kilometer te buffelen. Een oude renner is meer een diesel bij wie de motor langzaam toeren maakt.''

Kuiper was in 1983 de laatste Nederlandse winnaar in Parijs-Roubaix. Hij vergelijkt zichzelf met krachtpatsers als Tsjmil en Museeuw. ,,Als je die jongens een vinger geeft, bijten ze hem er af'', zegt Kuiper. ,,Ze leven heel erg intensief voor hun vak. Ze hebben ook een geweldige stielliefde. Waarom zouden ze dan stoppen? Ze zijn in de kracht van hun leven en hebben de koers leren doorgronden. Ze bombarderen niet meer bij elke ontsnapping. Daarom hebben ze aan het eind nog vuur in de kuiten.''