Honger in Afrika is geen natuurramp

Het beeld van een acute hongersnood in Afrika is hartverscheurend, maar misleidend. Het probleem van honger is permanent.

De secretaris-generaal van de Verenigde Naties, Kofi Annan, heeft gisteren opnieuw een dramatische oproep gedaan om een dreigende hongersnood in Oost-Afrika te voorkomen. Hij waarschuwde dat duizenden, tienduizenden mensen de hongerdood zullen sterven als de internationale gemeenschap niet ingrijpt. ,,Geconfronteerd met deze ellende moeten we allemaal ons geweten laten spreken en ons geweten zou ons tot actie moeten dwingen.''

Volgens de Verenigde Naties worden 12,4 miljoen mensen in zeven Oost-Afrikaanse landen met hongersnood bedreigd door drie jaar van droogte en door een reeks van conflicten in die regio. Bijna de helft woont in Ethiopië, dat al bijna twee jaar in een grensoorlog met Eritrea is verwikkeld.

De oproep van Annan past in de crisissfeer die de afgelopen week is geschapen. Er dreigt een menselijke catastrofe van ongekende omvang, zo luidt de boodschap. Televisiekijkers worden de laatste dagen overspoeld met beelden van uitgeteerde baby`s, kale akkers en stoffige karkassen. Hulporganisaties overal ter wereld organiseren haastig inzamelingsacties. En overheden staan te dringen met hun aanbiedingen voor voedselhulp. De VS beloven 400.000 ton, de Europese Unie 800.000 ton en de Nederlandse overheid geeft 8 miljoen gulden extra. Een acute natuurramp dreigt en de wereld schiet te hulp.

Dat beeld is misleidend. De honger waarmee miljoenen mensen in Oost-Afrika worden geconfronteerd is niet alleen maar het resultaat van de droogte, net zomin als hij dateert van vandaag of gisteren. Het jaarrapport van de FAO, de Voedsel- en Landbouworganisatie van de VN, waarschuwde vorig jaar juni al dat de voedselsituatie in zestien Afrikaanse landen kritiek was. Vijf miljoen Ethiopiërs wacht een voedseltekort, meldde het rapport. Een half miljoen mensen dreigt te verhongeren. In het rapport werd erop gewezen dat de voedselproblemen voor een belangrijk deel werden veroorzaakt door menselijk ingrijpen: oorlogen, mensen die uit hun huizen werden verdreven, ziektes waartegen niets werd gedaan. Tien van de zestien getroffen landen hadden te maken met conflicten.

Dat rapport was nog maar een van de noodsignalen die hulporganisaties het laatste jaar met een grote frequentie hebben afgegeven. Een greep:

april 1999: Honderdduizenden Somaliërs stevenen af op een hongersnood, meldt de FAO.

juni 1999: Miljoenen mensen in de Hoorn van Afrika worden met honger bedreigd, schrijft het WFP, het Wereld Voedselprogramma van de Verenigde Naties.

december 1999: Ethiopië luidt de alarmklok: ons land stevent af op een ongekende hongersnood.

januari 2000: Als er binnen drie tot vier maanden geen regen komt, is de ramp niet te overzien, waarschuwen hulporganisaties als Farm Africa en Oxfam.

Vervolg HONGER: pagina 4

Hongersnood is in Afrika een permanent probleem, net zoals in de rest van de wereld. Volgens The State of Food Insecurity in the World, een rapport van de FAO uit 1999, leden het jaar daarvoor 790 miljoen mensen chronisch aan honger. Dat was één op de vijf mensen in de ontwikkelingslanden, maar nog altijd 128 miljoen minder dan in 1970.

Het gerenommeerde Amerikaanse Worldwatch Institute vindt die schatting veel te laag. Ze is gebaseerd op het aantal beschikbare calorieën per persoon en houdt geen rekening met de ongelijke verdeling in de Derde Wereld, zegt Worldwatch. Beter was volgens het instituut om het lichaamsgewicht als graadmeter te nemen. Een op de drie Afrikanen is te licht, in Ethiopië een op de twee. Veertig procent van de bevolking in landen als Kenia, Zambia en Sierra Leone lijdt honger. Daar tegenover staat dat 55 procent van de Amerikanen en 50 procent van de Duiters kampt met overgewicht.

Tijdens de Wereld Voedsel Conferentie in 1974 beloofden wereldleiders dat ,,binnen tien jaar geen kind ter wereld meer honger zou lijden''. Maar in de decennia daarna heeft de wereld leren leven met een permamente hongersnood. In plaats van de armoe en conflicten te bestrijden, verstrekt ze noodhulp aan de sloebers die het ergste zijn getroffen. Het Wereld Voedsel Programma houdt dit jaar 49 miljoen mensen in leven. Zij vormen niet meer dan de achterhoede van het leger hongerlijders dat een dagelijkse strijd om het bestaan voert. Niet spectaculair. Niet in het zicht van de camera's.

Honger kent vele gradaties; van trek tot hongersdood. De VN onderscheiden in Oost-Afrika drie fases. In de eerste zoeken nomaden in hun eigen gebied nog naar voedsel en water. In de tweede fase begint het vee te sterven en wijken de nomaden af van hun vaste routes. In de derde fase is er geen vee meer en worden ze elke dag door de hongerdood bedreigd.

Volgens ontwikkelingswerkers in Oost-Afrika verkeert het overgrote deel van de plaatselijke bevolking nog in fase een of twee, en is hun situatie het afgelopen jaar niet wezenlijk veranderd. De beelden van stervende kinderen in het grensgebied van Ethiopië en Somalië zijn hartverscheurend, maar niet exemplarisch.

Vertegenwoordigers van hulporganisaties verbazen zich erover dat de mondiale interesse voor honger in Oost-Afrika zo plotseling is opgelaaid. Ze zeggen cynisch dat de wereld na Kosovo en Oost-Timor de problemen van Afrika kennelijk weer herontdekt. Ze wijzen er ook op dat de Verenigde Staten en de Europesese Unie een nieuw offensief zijn begonnen om een eind te maken aan de dominoreeks van conflicten in de regio. Daarbij zouden ze voedselhulp als drukmiddel gebruiken: voedsel in ruil voor vrede.

Volgens de meeste hulporganisaties bestaat er geen acuut gevaar voor herhaling van de hongersnood die vijftien jaar geleden in Ethiopië ruim één miljoen slachtoffers maakte. Na die ramp werd een geavanceerd waarschuwingssysteem ontwikkeld waarmee regenval en voedselproductie nauwkeurig voorspeld kunnen worden, zodat tijdig kan worden ingegrepen bij dreigende hongersnood. Dat de situatie in Oost-Afrika ernstig is, en catastrofaal kan worden als de droogte nog een jaar aanhoudt, daarover is iedereen het eens.

Voor hulporganisaties is de hernieuwde belangstelling voor Afrika een geschenk uit de hemel. De schreeuwhonger van de media voeden ze dankbaar met beelden en cijfers. Ze bieden journalisten gratis transport naar het slagveld van de honger. Omdat ze weten hoe moeilijk het is om aandacht voor slepende rampen te krijgen. Crisis die duren, vervelen. Het grote publiek heeft behoefte aan snelle, acute catastrofes, zoals aardbevingen en overstromingen. Dan trekt het massaal de portemonnee.