`Hayek geeft me een ongemakkelijk gevoel'

Rick van der Ploeg, staatssecretaris van Cultuur, maakte naam als vernieuwer en plannenmaker. Hij haalt zijn inspiratie uit een boek dat het staatssocialisme aanvalt.

``In de sociobiologie en in The Fatal Conceit van F.A. Hayek zie ik scherpe kanttekeningen bij het idee van de maakbaarheid van de samenleving'', zegt Rick van der Ploeg (43), staatssecretaris van Cultuur. ``Mijn uitdaging is dat ik dat niet accepteer natuurlijk. Ik voel me daar ongemakkelijk bij als sociaal-democraat.''

In The Fatal Conceit. The Errors of Socialism bestrijdt F.A. Hayek (1899-1992) het socialisme en pleit hij voor het liberale gedachtegoed, in het bijzonder het marktdenken. Van der Ploeg: ``Je moet altijd de tegenstanders goed begrijpen om te weten waar je zelf mee bezig bent. Eigenlijk is Hayek als de figuur Cato in de Pink Panther-films, het Japanse mannetje dat inspecteur Clouseau op de meest onmogelijke momenten aanvalt. Hayek kan je er als politicus aan herinneren dat vrijheid voorop staat en de koek eerst verdiend moet worden voordat je hem verdelen kunt.''

Van der Ploeg gebruikte, toen hij hoogleraar economie was, The Fatal Conceit in zijn colleges voor beginnende economiestudenten. ``Het is het belangrijkste boek van Hayek, samen met The Road to Serfdom, waarin hij waarschuwde voor de totalitaire aspecten van de socialistische maatschappij. Het systeem waar de socialisten vroeger voor pleitten, waarin je alles van bovenaf probeert te regelen, waarin je probeert via een blauwdruk een samenleving in te richten, het idee van de `maakbaarheid' dus – dat is hetgeen waar Hayek zich het scherpst tegen verzet in The Fatal Conceit.

``Dat lees ik niet als een kritiek op de PvdA van vandaag de dag, maar op het socialisme uit de tijd dat er allemaal plan-achtige idealen bestonden. Hayek stelt daar tegenover dat de kapitalistische markt niet ontworpen is maar door de culturele en sociale evolutie in de loop der tijd zo is gegroeid, en dat die markt veel beter aan de behoeftes van de mensen kan voldoen dan een centraal gestuurde economie.

``Hayek verzet zich erg tegen de ideeën die in oude linkse kringen leefden, dat handel vies en vuil zou zijn en dat het geen echte toegevoegde waarde geeft. Natuurlijk geeft handel toegevoegde waarde, want het brengt vraag en aanbod bij elkaar, en dat leidt tot een goede verdeling van producten. Je zou kunnen zeggen dat bijvoorbeeld milieuproblemen en de ontwikkelingsproblematiek juist het gevolg zijn van het ontbreken van een goede marktwerking en het ontbreken van vrijheid. Het ontbreekt ontwikkelingslanden vaak aan de vrijheid om hun producten te exporteren. Het marktmechanisme kan dus ook een sociaal-democratisch instrument zijn.''

Wil Van der Ploeg met zijn publiekgericht beleid de marktwerking ook op het gebied van de cultuur introduceren? ``Ik vind niet dat, zoals voorheen wel gebeurde, experts alleen moeten besluiten wat voor soort theater opgevoerd moet worden. Burgers moeten de vrijheid hebben om zelf te kiezen. Mijn uitdaging is om mijn sociaal-democratische beginselen te verwezenlijken op een organische manier, dat wil zeggen op een manier die de marktwerking zo weinig mogelijk verstoort waar dat niet nodig is. Dat betekent soms het introduceren van kennis en misschien zelfs marktwerking waar de markt niet is, en soms het investeren in de koopkracht van mensen.

``In de praktijk houdt dat in, dat ik wat meer van mijn subsidies aan bijvoorbeeld scholieren geef, zodat ze met vouchers, gekoppeld aan het cultureel jongerenpaspoort, zelf kunnen kiezen waar ze heen gaan. Dan geef je liever het geld aan de klanten, die daarmee vrijelijk kunnen kiezen, in plaats van aan een groep culturele experts, die dan bevoogdend tegen de samenleving zeggen: jullie moeten dit consumeren want wij vinden het zo belangrijk. Ik ben niet zo extreem als Hayek dat ik zeg dat je alles aan de markt kunt overlaten, maar ik pleit wel voor meer consumer sovereignty, meer invloed van consumenten.''

Via Hayeks evolutionaire economie komt Van der Ploeg te spreken over de sociobiologie, de studie van de biologische grondslagen van sociaal gedrag. Toen hij in Sussex wiskunde en natuurkunde studeerde volgde Van der Ploeg colleges bij de evolutionair bioloog John Maynard Smith. ``Ik werd gegrepen door de sociobiologie. En via de biologie ben ik in de economie terechtgekomen. Later werd me duidelijk dat de economie wat betreft de evolutietheorie de biologie vooruit was geweest. Charles Darwin heeft zich gebaseerd op Adam Smiths Wealth of Nations, en was heel goed bekend met de economische theorieën van zijn tijd. Aanpassing aan een veranderende omgeving is een belangrijk punt in de evolutietheorie. Toen de samenleving steeds groter werd is het marktmechanisme ontstaan, dat het voortbestaan van de mens op de beste manier garandeerde. Het is welbeschouwd een wonder dat het marktmechanisme ervoor zorgt, dat de vraag zo goed aansluit bij het aanbod. In een planeconomie is dat veel lastiger te realiseren. Er is simpelweg te weinig central processing power om alle informatie te verwerken.''

``In Search of Nature van de sociobioloog E.O. Wilson was ook een belangrijk boek voor me. Wilson is een expert in mieren. Wist je dat de totale massa aan mieren groter is dan de totale massa aan mensen? Mieren zijn in staat om gecompliceerde systemen van airconditioning te maken in hun tunnels onder de grond. Hoe kan dat, vraag ik me dan af. Een socialist zou zeggen: dat gaan we van tevoren helemaal uittekenen en plannen – dat gaat natuurlijk niet op in de mierenwereld. Blijkbaar is er iets onderliggends, en dat zijn hele simpele gedragsregels. Als de mier links van mij dit doet en de mier rechts van mij dat, dan doe ik... Zoals wij de gedragsregel in de economie hebben geleerd, dat als de prijs van een product stijgt, meer fabrikanten dat product gaan aanbieden. Een simpele gedragsregel die ervoor zorgt dat je miljoenen huishoudens en duizenden bedrijven op elkaar kunt aansluiten. De individuele mier weet bij god niet waar hij mee bezig is en toch komt er een prachtig bouwwerk tot stand. Niemand bezit het totaaloverzicht op de markt, en toch blijkt het allemaal te werken.''

F.A. Hayek, The Fatal Conceit, The Errors of Socialism. (1988) University of Chicago Press, 1991, 194 blz. ƒ28,35