Verslaafden gedwongen tot afkicken

Rechtbanken in tien grotere steden in Nederland krijgen de mogelijkheid om verslaafden aan harddrugs die veel delicten plegen te veroordelen tot plaatsing in een afkickkliniek voor maximaal twee jaar.

Bedoeling is dat ze daar deelnemen aan een programma om van de drugs af te komen, maar de wet gaat niet zo ver dat ze tot behandeling kunnen worden gedwongen. Doen ze niet mee, dan krijgen ze een `sober regime' opgelegd.

In het vervolg van het debat in de Tweede Kamer over de wetswijziging die een strafrechtelijke opvang van drugsverslaafden (SOV) mogelijk moet gaan maken, zei minister Korthals gisteren dat het voorlopig de bedoeling is met een experiment te beginnen op grond van `dwang'. De rechter had al eerder het wapen van `drang' in handen door junks te laten kiezen tussen gevangenisstraf en een afkickkliniek. Als het project succesvol is, wordt de strafmaatregel over zes jaar in het gehele land ingevoerd.

De vier grote steden Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht nemen in elk geval deel aan het experiment. Kleinere steden die veel overlast van harddruggebruik hebben en bij de proef worden betrokken zijn Arnhem, Nijmegen, Den Bosch, Eindhoven, Heerlen en Maastricht.

Rotterdam begint als eerste in november van dit jaar, als Korthals de wetsontwerpen door Tweede en Eerste Kamer heeft geloodst. De andere steden, met uitzondering van Den Haag, haken volgend jaar aan. In totaal zijn er 350 plaatsen in klinieken beschikbaar, waaraan alleen junks uit de genoemde tien steden kunnen deelnemen.

Minister Korthals zei gisteren dat rond 3.000 junks dagelijks werk maken van diefstal, beroving en inbraak. De helft opereert in de vier grote steden. Het gaat daarbij om oudere verslaafden, die heroïne of cocaïne gebruiken of een combinatie van die twee. Ze maken gemiddeld al zestien jaar deel uit van het verslaafdencircuit. Van de genoemde delicten in de vier grote steden is deze groep verantwoordelijk voor globaal een kwart tot eenderde. Ze worden aan de lopende band opgepakt en veelal weer vrijgelaten.

De Tweede Kamer is het met de bewindsman eens dat deze groep harder of in elk geval anders moet worden aangepakt dan wat tot dusverre mogelijk was. Als de verslaafden niet mee willen werken, worden ze op een aparte, gesloten afdeling geplaatst, eventueel totdat zij wel gemotiveerd zijn om mee te werken.