US Foodservice lijkt hapklare brok voor hongerig Ahold

Amerikanen komen niet meer thuis voor het avondeten, ze eten waar en wanneer het ze uitkomt. US Foodservice verdient hier goed aan. Ahold's bod op dit Amerikaanse bedrijf wordt morgenavond vrijwel zeker aanvaard.

,,Ahold had vast graag gezien dat mensen altijd thuis zouden eten, maar dat is in de VS nu eenmaal niet zo'', zegt James Miller. Hij is bestuursvoorzitter van US Foodservice, de op een na grootste voedseldistributeur in de Verenigde Staten. Supermarktconcern Ahold, moeder van Albert Heijn, heeft vorige week toestemming gekregen van de Amerikaanse autoriteiten om voor 8,3 miljard gulden zijn bedrijf over te nemen. In zijn kantoor in Maryland, Columbia legt Miller uit dat de gedachte achter de samenwerking tussen Ahold en zijn bedrijf strategisch gezien zo logisch is dat je het bijna zelf had kunnen verzinnen.

Als eigenaar van een supermarktketen in de Verenigde Staten begin jaren negentig, vertelt Miller, wist je dat mensen van elke dollar die ze aan voedsel uitgaven 70 cent in de supermarkt besteedden en de overige 30 dollarcent daarbuiten verorberden. Daar kon je nog mee leven. Maar langzaam zag je de verhoudingen in je nadeel veranderen: meer tweeverdieners kregen minder tijd om meer geld uit te geven aan gezond eten. Er was nog niets aan de hand: je ging gemakkelijkere ('voeg 300 gram gehakt toe aan dit pak lasagna') en kant en klare maaltijden ('twee minuten in de magnetron') verkopen. Die perfectioneerde je door ze verser, smaakvoller en goedkoper te maken.

Bekijk je volgens Miller de positie van de supermarktketen in de VS vandaag de dag dan stel je vast: nog maar 45 dollarcent van elke aan voedsel bestede dollar is voor jou en 55 cent gaat naar de concurrenten buitenshuis. Kortom, je hebt de strijd verloren. Klanten verkiezen de restaurants, scholen, hotels en sportkantines boven je winkel. Maar met de overname van een distributeur die aan alle soorten horecagelegenheden levert, beschikt Ahold in een klap weer over de gehele maag van de klant.

Ahold is de eerste supermarkt in de Verenigde Staten die de stap naar de voedseldistributie maakt. Het is de grootste overname tot nu toe van Ahold in de Verenigde Staten. Met US Foodservice heeft het de op een na grootste leverancier in huis, wat neerkomt op een bereik van 85 procent van de Amerikaanse bevolking via 40 distributiecentra. US Foodservice staat zich erop voor nooit meer dan 150 mijl van de klanten verwijderd te zijn.

In Nederland kunnen de supers gerust zijn, maar hoe lang nog? Miller denkt een tijd na voor hij antwoordt. ,,Ik denk dat Europa snel onze kant op gaat, maar ik hóop dat ze niet zo ver doorschieten als wij.'' Het blijkt een normenkwestie te zijn. ,,Amerikanen zien een maaltijd als een middel: we eten waar en wanneer we het in ons schema in kunnen passen. In Europa is de maaltijd een doel op zich, een gewoonte op een vast tijdstip op de dag. Je gaat er voor naar huis, naar je familie.''

Een voedseldistributeur en een supermarktketen hebben minder met elkaar te maken dan op het eerste gezicht lijkt. US Foodservice haalt 62 procent van de jaarlijkse omzet uit `street sale', vertegenwoordigers die restauranthouders ervan overtuigen dat US Foodservice de beste leverancier is voor alle 40.000 artikelen die de eigenaar nodig zou kunnen hebben. ,,Iedereen verkoopt Heinz ketchup, dus waarom zou iemand die bij ons kopen? Omdat we ook al hun andere spullen kunnen leveren: je wilt 60 artikelen, je krijgt 60 artikelen. Een supermarkt loop je binnen en je koopt wat je nodig hebt, wij moeten naar de klant toe. Een groot verschil.''

Dat US Foodservice leverancier wordt van de supermarkten van Ahold in de Verenigde Staten is uitgesloten, zegt Miller. Ahold verkoopt 2-persoons soepblikken, US Foodservice levert bulkgoederen - blikken waarvan een familie een weeklang kan eten.

Strategisch, noemt Miller de keuze van Ahold voor zijn bedrijf. ,,Onze industrie groeit twee keer zo hard als die van de supermarkten en de fusie-oorlog moet nog plaats gaan vinden. Toen ik klein was vond ik binnen twee blokken zes of zeven buurtsupers. Die zijn allemaal vervangen door de grote ketens. In de voedseldistributie gebeurt hetzelfde, alleen lopen we daarin tien tot vijftien jaar achter.'' De omzet van supermarkten groeien gemiddeld met 2,5 procent, die van groothandels neemt jaarlijks met 4,5 procent toe.

Zoals in ieder distributietak, geldt ook in de levensmiddelenhandel dat schaalgrootte essentieel is. Met Internet als verkoopkanaal wil Miller de kosten zoveel mogelijk uit het systeem snijden. ,,Een Internetorder kost ons een dollar, maar scheelt een verkoper vier uur werk.'' Ook zorgen nieuwe technieken er bijvoorbeeld voor dat bevroren en verse maaltijden bij elkaar in een vrachtwagen kunnen.

De markt is in de Verenigde Staten versnipperd met ongeveer 3500 bedrijven. Miller laat een lijst zien van de honderd grootste groothandels. Op nummer een staat concurrent Sysco met een omzet van 18 miljard dollar en een marktaandeel van 12,1 procent. ,,Wij zijn tweede met 7 miljard dollar aan omzet en 4,1 procent marktaandeel, met deze nummer drie, Alliant gaat het slecht, nummer vier nemen wij of Sysco binnenkort wel over. Nummer vijf is voor ons.''

De afgelopen drie jaar nam US Foodservice al enkele tientallen distributiebedrijven over in verschillende staten, ,,en dit is pas het begin'', zegt Miller. Hij is klaar voor de overnamestrijd, maar daar heeft hij Ahold wel bij nodig. Voor de 8,3 miljard gulden neemt Ahold behalve een goede infrastructuur 925 miljoen dollar aan schulden over. Het zal wennen zijn, zegt Miller. ,,Ik besliste bijna in mijn eentje over de overname van miljardenbedrijven. Nu zal ik eerst het hele proces in moeten.'' Wel zegt hij alle vertrouwen te hebben in de Ahold-top. ,,In september kwamen de mensen van Ahold hier op bezoek. Er waren nog zeven andere kandidaten, maar Cees van der Hoeven begon eerst over zijn klanten en zijn personeel, voor hij tot zaken overging. Dat mag ik wel.''