Turkse coalitie incasseert een gevoelige klap

Het Turkse parlement heeft gisteren een wijziging van de grondwet verworpen die president Demirel een derde ambtstermijn had moeten bezorgen. De coalitieregering komt onder druk op een kritiek moment.

Hoeveel averij heeft de coalitie opgelopen? Dat is de vraag die in Turkije wordt gesteld na de grote nederlaag die premier Ecevit gisteren in het parlement leed. Ecevit had zich er persoonlijk voor ingespannen om de Turkse grondwet te veranderen zodat president Demirel, volgens Ecevit een boegbeeld van de politieke stabiliteit in Turkije, langer aan zou kunnen blijven. Met de mond hadden veel afgevaardigden hun steun betuigd aan dit plan van Ecevit. Maar in de intimiteit van de stemming verried een niet onaanzienlijk deel van de parlementsleden van de coalitie de eigen premier. ,,Ik hoop dat dit resultaat het beste is voor Turkije'', wilde een bleke Ecevit slechts kwijt, voordat hij zich terugtrok voor overleg met de andere leiders van de coalitie.

Al maandenlang werden er verhitte onderhandelingen gevoerd over de grondwetswijziging. Turkije is op weg naar de Europese Unie, zei Ecevit steeds, en moet daarvoor snel een groot aantal fundamentele politieke en economische knopen doorhakken. Dat kan alleen, aldus Ecevit, met een president die internationaal goed ligt en alle kneepjes kent van de politiek. De 75-jarige Demirel, wiens ambtstermijn binnenkort afloopt, voldeed voor Ecevit aan beide eisen.

Velen in het Turkse parlement denken daar anders over, zo bleek gisteren. Uit opiniepeilingen was de afgelopen tijd al gebleken dat ook buiten de volksvergadering grote twijfel over Demirel bestaat. Zo vindt volgens het blad Radikal zeventig procent van de Turken dat het tijd wordt dat Demirel de politieke arena verlaat. Veel Turken zien Demirel meer als een symbool van het verleden, toen kuiperijen en vriendjespolitiek de dienst uitmaakten in de Turkse politiek, dan van de toekomst.

Uit dezelfde opiniepeiling van Radikal bleek dat zestig procent van de ondervraagden wil dat de huidige coalitie blijft zitten. Of die wens vervuld zal worden, is vooralsnog de vraag. Na de stemming maakte Ecevit gisteren bekend dat hij aanblijft als premier en dat de coalitie doorgaat met haar werk. Maar dat werk is er niet simpeler op geworden. Bij het aantreden van de coalitie vorig jaar hadden velen binnen en buiten Turkije grote twijfel over haar levenskracht. De regeringsploeg was immers een `monsterverbond'tussen de extreme nationalisten van de MHP en de sociaal-democraten van Ecevit zelf (met als bindmiddel de liberale Moederlandpartij van Mesut Yilmaz). Binnen een paar maanden wist de nieuwe regering door haar daadkracht echter onmiddellijk al enthousiasme te wekken. Dossiers die jarenlang onaangeroerd hadden gelegen, werden snel ter hand genomen. Zo voerde Turkije – ondanks hevig verzet van de vakbonden – een wetswijziging door om het onbetaalbare pensioensysteem te hervormen. En zelfs over het moeilijke dossier-Öcalan wist de coalitie overeenstemming te bereiken. Ondanks hevig verzet van zijn extreem-nationalistische achterban drukte MHP-leider Bahceli binnen de partij zijn mening door dat Turkije de uitspraak van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens moet afwachten voordat het definitief besluit of het de leider van de Koerdische Arbeiderspartij (PKK) executeert. En bij elk `moeilijk' besluit dat viel, nam in Turkije het enthousiasme over de regering toe: deze ministersploeg stak de handen uit de mouwen, zo was de opvatting, en geloofde niet, zoals vroeger, dat pappen en nathouden de beste aanpak is.

Die reputatie heeft gisteren een flinke deuk opgelopen. Al voor de stemming werd de Turkse beurs nerveus en ook de lira, de nationale munteenheid, moest een paar fikse klappen incasseren. Privatisering, inflatie, rechten van de mens, de dossiers die op de regeringstafel liggen liegen er niet om. Maar sinds gisteren is de hoop dat de huidige regeringsploeg ze in eensgezindheid kan afhandelen, aanmerkelijk minder geworden. Daarbij komt nog dat er nu een opvolger voor Demirel gevonden moet worden. Alle politieke partijen zullen de komende dagen kandidaten naar voren schuiven. Omdat het presidentschap in Turkije in de praktijk toch meer is dan een ceremoniële functie, zullen ook de regeringspartijen veel moeite doen om die functie binnen te halen. De stemming van gisteren heeft de bereidheid om constructief te onderhandelen echter bepaald niet vergroot. En zo heeft premier Ecevit in zijn poging kalmte in de politiek te zaaien, vooralsnog alleen onrust geoogst.