Oud-premier Sharif krijgt levenslang

Een antiterreurrechtbank in Karachi heeft de vorig jaar afgezette Pakistaanse premier Nawaz Sharif vanochtend veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf wegens terrorisme en vliegtuigkaping.

Sharif werd vrijgesproken van poging tot moord en ontvoering. De openbaar aanklager had de doodstraf geëist. Sharif heeft in het proces zijn onschuld volgehouden. Generaal Musharraf, de militaire leider van Pakistan, spande het proces volgens Sharif aan om de ,,ontvoering van de democratisch gekozen regering'' te verdoezelen. Vanochtend zei hij dat het vonnis is gebaseerd op ,,manipulatie''.

Verwacht werd dat Sharif ter dood zou worden veroordeeld. Op kaping staat in Pakistan de doodstraf. Sharif werd ervan beschuldigd dat hij in oktober vorig jaar had geprobeerd de landing van een Pakistaans vliegtuig te voorkomen met behulp van de luchthavenautoriteiten in Karachi. Doordat de piloot geen toestemming kreeg te landen, werd het leven van de 198 passagiers in gevaar gebracht, aldus de aanklager. In het toestel zat de Pakistaanse legerchef, generaal Pervez Musharraf, die enkele uren daarvoor was ontslagen door Sharif. Nadat het toestel alsnog was geland in Karachi, zette generaal Musharraf Sharif aan de kant.

Verondersteld wordt dat de uitspraak tot levenslang is beïnvloed door de legerleiding, die fel is veroordeeld wegens de machtsgreep. Een terdoodveroordeling van de oud-premier zou Pakistan vermoedelijk nog verder hebben geïsoleerd. Buitenlandse regeringen hebben er bij generaal Musharraf op aangedrongen geen doodstraf te laten uitvoeren als Sharif daartoe zou worden veroordeeld. President Clinton, die anderhalve week geleden een kort bezoek bracht aan Islamabad, vroeg generaal Musharraf het leven van Sharif ,,te sparen''. Ook hebben onder andere de lidstaten van het Gemenebest Musharraf gesommeerd de democratie te herstellen.

De media-adviseur van de junta, Javed Jabbar, zei dat het leger geen bemoeienis heeft gehad met de rechtszaak. ,,Dit is waarschijnlijk het meest open proces geweest in de Pakistaanse geschiedenis'', zei hij. Jabbar noemde het vonnis een uiting van de ,,onafhankelijkheid'' van de Pakistaanse magistratuur.

Haleem Siddiqi, een functionaris uit Sharifs partij, de Pakistaanse Moslim Liga (PML), zei dat Sharif binnen een week in beroep zal gaan. Opmerkelijk is dat de antiterreurrechtbanken werden opgericht op initiatief van Sharif zelf. Een mogelijkheid tot beroep was onder zijn voorstel onmogelijk, maar het Hooggerechtshof oordeelde dat dat tegen de grondwet indruist en voerde eigenhandig de mogelijkheid tot hoger beroep in.

Zes andere verdachten die terechtstonden wegens medeplichtigheid, onder wie Sharifs jongere broer Shahbaz, voormalig premier van de provincie Punjab, werden allen vrijgesproken. Sharif is de tweede Pakistaanse premier tegen wie de doodstraf werd geëist. In 1979 werd oud-premier Zulfiqar Ali Bhutto ter dood veroordeeld nadat hij aan de kant was gezet door generaal Zia-ul Haq. Bhutto, de vader van de latere premier Benazir, werd beschuldigd van het beramen van een moordcomplot tegen een polieke tegenstander. Hij werd geëxecuteerd.