Musea vol water

In de vorm van regen of klotsend over rivierdijken in Limburg of Mozambique is water bijna dagelijks in het nieuws. Maar er was een koninklijke watermanager voor nodig om het belang van deze alledaagse vloeistof tot het nationale bewustzijn te laten doordringen. Meeliftend op de door de kroonprins aangezwengelde aandacht voor het aquatische, organiseren een twaalftal musea in de regio Alblasserwaard en de Vijfheerenlanden een serie tentoonstellingen onder de titel `Water, levensbelangrijk....'

Met dijkverzwaring en waterzuivering heeft de tentoonstelling Water, bron van inspiratie in het Gorcums Museum echter weinig van doen. In slechts twee van de getoonde kunstwerken wordt water zelfs maar als materiaal gebruikt. In de rest is geklots en gekledder vervangen door artistieke associatie. Suzan Hammond laat bijvoorbeeld de schuimkoppen van de zee stollen in haar gegoten kristallen en in het trapgat bungelt Erik van Hoorns uit siliconenkit vervaardigde waterval. Bibi Smit laat in Soft River de stroompjes van de Schotse hooglanden bevriezen tot grote klonten massief glas in een bedding van lood.Directer dan spelen met de vorm of transparantie van water is het vastleggen ervan op doek, foto of film. Naast onbezorgde zwembadfoto's maakt Roel Kimpe ook afbeeldingen van water die op de rand van het natuurkundige zitten. Op zijn bijna spookachtige, hardblauwe foto's is alleen maar water te zien. Het strand, zwembad of vijvertje waaraan de ijspegels, druppels of golven betekenis zouden kunnen ontlenen ontbreken volledig, waardoor een op zichzelf staande waterwereld ontstaat.

Heel anders werkt Gerco de Ruijter. Hij vereeuwigde het waterrijke Nederlandse landschap door een camera aan een vlieger te binden en die over grienten, sloten en beemden te laten zweven. In zijn serie vierkanten afbeeldingen vol vaalbruin, grijsgroen en staalblauw wordt juist de context van het water getoond, maar dan op zo'n ongewone manier dat landschap en water verworden tot abstracte vlakken.

Minder abstract is het onderwerp van de tentoonstelling Wie het water deert, die het water keert in het Sliedrechts Museum. Aan de hand van foto's en prenten wordt het verhaal verteld van de 33 overstromingen die de Alblasserwaard en Groote Waard hebben getroffen sinds 1373. De polderbewoners aan de rand van de Biesbos kregen niet alleen smeltwater uit de Alpen te verwerken, maar stonden ook bloot aan storm en getij uit zee, ijsdammen en legers die de dijk met opzet doorstaken.

Uit de tentoonstelling blijkt hoezeer het wassende water het leven in de regio beïnvloedde. Op een nagebouwde hoekgevel met herdenkingsstenen is te zien dat het water tussen 1740 en 1819 maar liefst driemaal tot boven schouderhoogte steeg. Het uit dorpelingen bestaande `dijkleger', hun stoere koppen vastgelegd op prenten, kon niet verhelpen dat de verzande Merwede keer op keer buiten zijn oevers trad. Met de verkoop van gravures van het rampgebied `een naauwkeurige beschouwing van de overstroomde Lande, de Doorbrake, de toetand van de Dyke en de onbeschryfflyke elende der opgezetenen' zoals het heet op een exemplaar uit 1741 probeerde men de gedupeerden financieel te ondersteunen.

Ook in verleden tijden bemoeide het koningshuis zich met de waterhuishouding. Op een zogeheten `premieplaat', die is uitgegeven door het Nieuwsblad van Nederland, is koning Willem III te zien tijdens een inspectie van het Brabantse Brakel dat 1855 volledig blank stond. Terwijl de boeren hun handen vragend opheffen, zie je hem denken: `Hoeveel water hebben we hier te veel, hoe krijgen we het weg en hoeveel gaat het ons kosten?' Koninklijk watermanagement is van alle tijden.

Expositie `Water, bron van inspiratie', t/m 14 mei in het Gorcums Museum, Gorinchem. Open: di t/m za 10-17u, zo 11-17u.

Expositie `Wie het water deert, die het water keert', t/m 27 mei in het Sliedrechts Museum, Sliedrecht. Open: wo en za: 14-17u en op afspraak.