Fusiekoorts bij banken geluwd

De megafusie tussen Deutsche en Dresdner Bank leek een extra prikkel voor een nieuwe consolidatiegolf. Schuift de Duitse scheiding fusieplannen van andere banken nu ook op de lange baan?

Fusies en overnames. Banken verdienen er een leuke boterham mee, maar zelf zijn ze op dit vlak uiterst voorzichtig. De mislukte fusie tussen Deutsche Bank en Dresdner Bank, de afgewezen avances van ING bij het Franse CCF en de voortdurende zoektocht van ABN Amro naar een tweede thuismarkt illustreren de terughoudendheid onder de bankiers.

Vorige maand, toen de Duitse megafusie werd aangekondigd, leek de consolidatie onder banken in een stroomversnelling te komen. De grootste bank van de wereld in wordingwas immers klaar voor de Europese sprong, waardoor andere banken dekking bij elkaar zouden gaan zoeken. De financiële sector was gewaarschuwd en zelfs een toenadering tussen ABN Amro en ING leek plotseling een reële optie. Schrikt de Duitse mislukking andere banken nu af?

,,Dat is moeilijk te zeggen. In elk geval kan je zeggen dat de argumenten voor een Duitse consolidatiegolf blijven bestaan'', stelt David van der Zande van Effectenbank Stroeve. ,,Voor die tijd zal een Nederlandse bank niet zo snel aan een fusie in Duitsland denken''.

Door de versnippering in de Duitse sector blijft de winstgevendheid laag: de vier grootste banken hebben een marktaandeel van nauwelijks 20 procent.

Toch zal de Europese financiële sector de mislukte fusie even moeten verwerken. En de aandeelhouders toonden zich toch al sceptisch over de nieuwe allianties. Sinds de fusie-aankondiging in Duitsland zagen Deutsche en Dresdner Bank de koersen een duikvlucht nemen. Ook het Britse HSBC kreeg een klap te verwerken toen het bod op CCF bekend werd. De koers van ING steeg toen de CCF-overname niet doorging. ,,Maar ik geloof niet dat aandeelhouders sceptisch tegenover fusies in het algemeen staan'', aldus Diane Griffioen van zakenbank Kempen. ,,Velen vonden de prijs voor CCF te hoog – 10 procent meer dan ING wilde betalen – en de problemen rond de integratie in Duitsland tekenden zich al vroeg af. Dat had effect op de koersen.''

Toch spelen, zeker bij Nederlandse banken, de aandelenkoersen een belangrijke rol bij de zoektocht naar partners. Door de lage waardering zorgt bijna elk buitenlands avontuur tot verwatering van de winst per aandeel. ABN Amro is momenteel twaalf maal de verwachte winst van dit jaar waard, terwijl deze koers-winstverhouding bij Dresdner Bank ruim het dubbele is. Ook het rendement van een Nederlandse bank zou bij een fusie worden gedrukt: ABN Amro verdient bijna een kwartje op elke gulden eigen vermogen, terwijl dat bij de Deutsche Bank op ruim 13 cent ligt.

De Nederlandse bankiers hebben meer argumenten om nog eens kritisch naar hun buitenlandse plannen te kijken. Een recent analistenrapport van Fortis rekent af met de gedachte dat samenwerking tot groot financieel voordeel leidt. Na bestudering van zes denkbeeldige allianties constateren de analisten dat de voordelen eigenlijk wel tegenvallen. Een fusie tussen ABN Amro en Société Général zou met 1,36 miljard euro (18 procent extra winst) nog de meeste synergie bieden. De fusies en overnames die wel doorgaan zijn daarom, zo concludeert Fortis, vooral defensief. ,,Beleggers hoeven bij fusies dus niet op hoge premies te rekenen''. Ook bij de fusie tussen Deutsche en Dresdner werd de verwachte synergie (2,9 miljard euro op jaarbasis) door beleggers openlijk in twijfel getrokken.

Toch zijn er voldoende argumenten voor grensoverschrijdende fusies. Denk alleen maar aan de voortschrijdende eenwording van de Europese markten, waarbij omvang – op Europese schaal – van groter belang wordt. En de mega-investeringen die nodig zijn om op het gebied van Internet een grote rol te spelen.

Voor Deutsche Bank was een grote rol op het gebied van het zakenbankieren een belangrijk argument voor de fusie. Ironisch genoeg bleken juist de investmentbankiers – die als dagtaak fusies en overnames begeleiden – de grootste hinderpaal te zijn. De zakenbankiers van Deutsche Bank eisten de uitverkoop van de Dresdner-investmentbank Kleinwort Benson. De medewerkers bij dergelijke banken vertrekken bij de geringste tegenwind. ,,Bij zo'n grote overname gaat het zelden om de zakenbank. Die veroorzaakt meestal wel de meeste problemen en je betaalt er grof voor'', aldus Griffioen van Kempen.