Tweede Kamer tegen vroegtijdig naar huis sturen gedetineerden

De Tweede Kamer neemt vooralsnog geen genoegen met de uitleg die minister Korthals (Justitie) geeft bij het vroegtijdig naar huis sturen van gevangenen. De Kamer wil uitleg in een brief en wil hierover volgende week een debat met de minister. Het Kamerlid Rietkerk (CDA) vroeg Korthals gisteren om opheldering over brieven van zijn ministerie aan enkele penitentiaire inrichtingen. Daarin wordt gevraagd een lijst op te stellen van gedetineerden die op grond van bepaalde criteria eventueel enkele dagen eerder naar huis kunnen en zo hun volle straf niet behoeven uit te zitten. Dat is enkele weken geleden ook al gebeurd, zo gaf Korthals toe op een vraag van Van der Staaij (SGP).

De Kamer toonde zich hoogst verbaasd, omdat eind vorig jaar duidelijk werd dat er dit jaar een cellenoverschot zou zijn van 1.100, dat volgend jaar als gevolg van bouwafspraken nog eens zou oplopen tot 1.600. Rietkerk spreekt van een `bizarre planning' en `jo-jobeleid', terwijl nu 350 veroordeelde gedetineerden in huizen van bewaring op een plaats in de gevangenis wachten. Dittrich (D66) zei `ontstemd' te zijn, terwijl Zijlstra (PvdA) het een `schande' noemde.

De minister wees er op dat er inderdaad een overschot is van ruim duizend cellen, maar dat 600 daarvan op dit ogenblik worden gerenoveerd, worden ontdaan van asbest of een andere bestemming krijgen. Er blijft dus een buffer van 450 cellen over, maar die kunnen niet zomaar door iedere willekeurige gedetineerde worden bezet. Zo hoort iemand die veroordeeld is niet in een huis van bewaring, kan een vrouwelijke gedetineerde niet zomaar in een extra beveiligde inrichting (EBI) worden gezet als daar toevallig plaats is en kan een mannelijke vreemdeling in bijzondere bewaring bijvoorbeeld niet zomaar naar een `vrouwenvleugel'. ,,Dat geeft dus enige mate van inflexibiliteit'' aldus Korthals.

In het verleden werd bij een tekort aan cellen gekozen voor het heenzenden van verdachten die in preventieve hechtenis in een huis van bewaring zaten, maar Korthals geeft de voorkeur aan het vrijlaten van gedetineerden die hun straf er vrijwel volledig – op enkele dagen tot een week na – op hebben zitten.