Slechte imago biotech moet worden opgepoetst

De biotechnologie ligt onder vuur. Daarom zijn de grote producenten van genetisch gemanipuleerde soja, tomaten en maïs een publiciteitscampagne begonnen.

De tegenaanval is begonnen. Sinds maanden liggen bedrijven die zich bezighouden met biotechnologische voedingsmiddelen onder vuur. Maar in een publiciteitscampagne, waarvoor voorlopig ruim honderd miljoen gulden is uitgetrokken, moet de wereld nu worden overtuigd van de zegeningen van genetische manipulatie (GM). Mogelijk zal de komende vijf jaar zo'n vijfhonderd miljoen gulden aan de campagne worden besteed.

Monsanto, een van de grootste producenten in de biotechnologie, heeft zich duidelijk verkeken op de invloed van negatieve publiciteit op de publieke opinie. Het management van de bedrijven werd wellicht verblind door het aanvankelijke succes en door het vooruitzicht van langs technologische weg gekweekte planten die gezonder, sterker en lekkerder zouden zijn dan die waarover we nu beschikken. Wie kon daar nu tegen zijn?

Maar milieu-organisaties slaagden er in de angst te wekken. Angst voor schade aan het milieu. Maar, nog belangrijker, angst voor de gezondheid van degenen die GM-producten eten. Typerend is een berichtje rond kerstmis vorig jaar, toen cateraar Granada besloot in de kantine van een Britse vestiging van Monsanto producten op basis van gemanipuleerde maïs en soja voortaan te weren.

Op een VN-conferentie in Montréal over biodiversiteit werd begin dit jaar de handel in biotechnologische producten aan strengere voorwaarden gebonden. Margot Wallström, de Europese commissaris voor Milieu, sprak van ,,een doorbraak'' omdat milieu voor het eerst niet ondergeschikt is aan handel. Ook via de rechter wordt de strijd tegen de oprukkende biotechnologie gevoerd. Zo is Monsanto onlangs aangeklaagd voor `de verspreiding van gevaarlijke genetisch gemodificeerde organismen' zonder dat de risico's voor consumenten duidelijk zijn. Volgens Monsanto was het ,,de zoveelste poging van verklaarde tegenstanders'' om ,,technologie tegen te houden die kan leiden tot verbetering van het milieu, die de voedselproductie kan verhogen en de gezondheid van consumenten kan verbeteren''.

Maar de boodschap van de biotechnologiegigant werd nauwelijks gehoord. Monsanto kreeg van steeds huiveriger beleggers het verwijt dat het de negatieve publiciteit te lang heeft genegeerd.

Het gisteren gelanceerde publiciteitsoffensief, waarvoor Monsanto samenwerkt met concurrenten als DuPont, Dow Chemical en het Zwitserse Novartis, moet daaraan nu een einde maken. Er wordt, zo blijkt uit hun website (www.whybiotech.com), op verschillende fronten gestreden. De voorstanders willen duidelijk maken dat biotechnologie goed is voor het milieu, omdat boeren met minder bestrijdingsmiddelen toe kunnen. Genetische manipulatie zou bovendien de voedingswaarde van producten kunnen verhogen en daarmee een dreigend voedseltekort kunnen voorkomen.

Het is de hoogste tijd dat de wereld eindelijk op een wetenschappelijke manier wordt voorgelicht over de betekenis van genetische manipulatie, vinden de bedrijven. Het is dan ook niet toevallig dat Monsanto aan de vooravond van de campagne de wereld liet weten dat onderzoekers aan de universiteit in Seattle op kosten van Monsanto de genetische structuur van rijst vrijwel hebben ontcijferd.

Gisteravond was op de Amerikaanse televisie de eerste reclame in de campagne te zien. Daarin werd een relatie gelegd tussen het succes van biotechnologie in medicijnen en in voedingsmiddelen. Een geruststellende stem meldt dat biotech ,,dokters en boeren in de gelegenheid stelt om onze zieken te behandelen en onze gewassen te beschermen''. Dit soort simplificaties getuigt volgens de Vereniging van Verontruste Wetenschappers niet bepaald van de objectieve, wetenschappelijke benadering die de campagne zegt na te streven.

Milieu-organisaties, die verlekkerd kijken naar de enorme hoeveelheid geld die voor de campagne beschikbaar is, zijn niet bang dat het verzet nu gebroken wordt. Veel mensen zijn zich niet eens bewust van het bestaan van biotechnologie, meent een woordvoerder van Greenpeace in de VS. Als ze maar eenmaal weten wat het is, dan komt de angst vanzelf.

DOSSIER: www.nrc.nl