Dutchbat voorzag moordpartij Srebrenica

De omstreden majoor Rob Franken, in 1995 plaatsvervangend commandant van Dutchbat in Srebrenica, werd gisteren door het Joegoslavië-tribunaal aan de tand gevoeld. `Majoor, was er dan geen sprake van deportatie?' werd hem gevraagd.

Met een lijst namen, verstopt in zijn onderbroek, verliet majoor Franken, plaatsvervangend commandant van Dutchbat, in juli 1995 Bosnië. Op de lijst stonden 251 namen van moslimmannen die zich, na de verovering van de enclave Srebrenica, hadden schuilgehouden op de basis van Dutchbat.

Het was een `Amnesty International-methode', zei de majoor gisteren tijdens zijn getuigenis voor het Tribunaal voor ex-Joegoslavië in Den Haag, in het Srebrenica-proces tegen de Bosnisch-Servische generaal Krstic. De Nederlanders hadden de `veilige' enclave niet kunnen beschermen tegen het Bosnisch-Servische leger. Dit was het enige, had de majoor destijds gedacht, dat hij nog voor de moslims kon doen. Franken had de namen van de mannen opgeschreven en tegen Bosnisch-Servische officieren gezegd: ,,Deze mensen hebben nu een naam. Vergeet dat niet. We weten wie jullie meenemen.''

De majoor had de lijst met namen naar het Defensie-hoofdkwartier in Den Haag gefaxt, maar daar wisten ze niet wat hij ermee wilde. Franken, gisteren: ,,De lijst kwam in een bureaula terecht.'' Pas een maand later kwam de lijst weer boven water.

Franken zag gisteren bleek, bijna grauw. Tijdens het spreken grinnikte hij vaak nerveus. Hem wordt dan ook veel verweten. Franken tekende op 17 juli, zes dagen na de val van de enclave, een verklaring waarin stond dat de Bosnische Serviërs de vluchtelingen uit Srebrenica goed hadden behandeld. Dutchbat-soldaten omschreven Franken later tegenover de militaire inlichtingendienst als ,,uitgesproken antimoslim''.

Dutchbat-tolk Hasan Nuhanovic verwijt Franken niets te hebben willen ondernemen om de levens van zijn vader, moeder en broer te redden. In februari eisten overlevenden van Srebrenica zelfs dat de majoor wordt vervolgd voor genocide.

Franken noemde in het verleden alle opwinding over Dutchbat in de pers ,,hysterisch geblaat''. Toch bracht Franken het er gisteren beter vanaf dan overste Karremans, die in 1996 al voor het Joegoslavië-tribunaal getuigde. Karremans verbijsterde toen de rechters met de verklaring ,,eerlijk gezegd niet te hebben gedacht'' om de Servische veroveraar generaal Mladic te vragen naar het lot van de afgvoerde mannen. Karremans had het indertijd veel te druk met de evacuatie van zijn eigen mannen en apparatuur.

Majoor Franken trachtte gisteren iets te doen aan de indruk dat Dutchbat ongevoelig was geweest voor het lot van de mannen uit Srebrenica. Hij ,,voelde'', zei hij gisteren, wat er met hen zou gebeuren toen ze werden meegenomen door de Bosnische Serviërs. ,,Gezien de reputatie van de Serviërs verwachtte ik dat ze zouden gaan moorden.'' [SREBRENICA

In een huis tegenover de VN-basis werden moslim-mannen `verhoord'. De Nederlanders hadden gezien dat een man bij het huis in elkaar werd geslagen, ze hadden gehoord dat er werd geschreeuwd, en ze hadden, achter het huis, 9 lijken gevonden. Franken: ,,Het was volgens mijn mannen duidelijk dat ze niet in het gevecht waren gestorven.''

,,Dus u wist'', vroeg een van de rechters van het tribunaal, ,,dat u de mannen overleverde aan hun slagers?'',,Dat is correct'', zei Franken. Franken noemde, net als Karremans, het gedwongen vertrek van de vluchtelingen gisteren nog altijd `de evacuatie'. De Egyptische rechter Riad vroeg: ,,Majoor Franken, waarom zegt u dat toch? Was er geen sprake van deportatie?'' Jawel, zei Franken, maar in die dagen noemden de Nederlanders het vertrek `evacuatie' en daarom gebruikte Franken dat woord. De rechter wilde weten waarom de Nederlanders aan de deportatie hadden meegewerkt. Franken: ,,Als de Serviërs niks hadden gedaan, als ze ons hadden achtergelaten met die dertigduizend vluchtelingen, zonder eten, water, zonder de noodzakelijke medische verzorging, dan had het is bijna cynisch om te zeggen – het probleem zich vanzelf opgelost.''