Geen compromis voor Microsoft

Pogingen een compromis te bereiken in de antimededingingszaak tussen softwareconcern Microsoft en de Amerikaanse overheid zijn dit weekeinde gestaakt. Rechter Richard Posner gaf na vier maanden bemiddelen zijn opdracht terug omdat de verschillen van mening ,,te diepgeworteld waren om te kunnen worden overbrugd''.

Naar verwachting zal rechter Thomas Penfield Jackson deze week uitspraak doen in de procedure van het Amerikaanse ministerie van Justitie en negentien deelstaten tegen Microsoft. Zij beschuldigen het bedrijf van misbruik van zijn machtspositie. Als fabrikant van het veelgebruikte besturingsprogramma voor computers Windows zou Microsoft onder meer ongeoorloofde druk op afnemers en concurrenten zetten en prijzen kunstmatig hoog houden.

Rechter Jackson kwam eind vorig jaar al tot de conclusie dat Microsoft misbruik heeft gemaakt van `monopolistische macht', maar verbond daar nog geen conclusies aan. Nu een schikking van de baan is, zal Jackson moeten aangeven welke onderdelen van de aanklacht tegen Microsoft hij gegrond acht. Later dit jaar stelt hij de strafmaat vast. Jackson trok eind vorig jaar een vergelijking tussen Microsoft en Standard Oil, de Amerikaanse oliegigant die in 1911 van overheidswege werd opgesplitst. Microsoft heeft altijd gezegd tegen elke ongunstige uitspraak in beroep te gaan.

In een reactie op het afbreken van de bemiddeling zei Microsofttopman Bill Gates dat zijn bedrijf ,,tot het uiterste'' is gegaan om de zaak tot een goed einde te brengen. ,,Maar de overheid wilde niet instemmen met een eerlijke en redelijke schikking''. Volgens hem eisten Justitie en de deelstaten concessies ,,die veel verder gingen dan wat er in de aanklacht aan de orde was.''

Justitie wees de uitlatingen van Gates van de hand. Microsoft zou elk voorstel van het ministerie van tafel hebben geveegd en met een tegenvoorstel zijn gekomen ,,vol mazen en dubbele bodems''.