Fraai contrast tussen flamenco en fado

Kun je zon en maan verenigen? Dat lijkt net zo onmogelijk als het mengen van water en vuur. De Spanjaard Ricardo Franco, balletdanser en flamenco-specialist, durfde het evenwel aan om traditionele muziek (en dans) uit Spanje en Portugal bijeen te brengen. Het was niet uitsluitend zijn idee, maar ook dat van theaterproducenten die op de EXPO98 in Lissabon Europees eigentijds voor de dag wilden komen met een voorstelling die bewijst dat sterk uiteenlopende culturele tradities op het Iberisch schiereiland niet langer staan voor een archaïsche haat-en-nijdrelatie.

Dit streven naar verbroedering leverde met De Sol a Lua flamenco fado in ieder geval een aantrekkelijke voorstelling op, die al twee jaar door Europa toert en nu voor het eerst Nederland aandoet.

Het aardige ervan is dat beide genres – althans grotendeels – strikt gescheiden blijven. De voorstelling opent met vurige flamencozang en -dans. In dit eerste deel Sol toont solist Rafael de Carmen zijn virtuositeit vol bravoure. Als enige in dit dansgezelschap heeft hij het klassieke uiterlijk van een zigeuner.

En als enige draagt hij een Spaanse broek die geen taille bezit maar sierlijk de buiklijn tot aan het de ribben volgt. Hoe elegant die krachtige Spaanse mannendans evengoed is, zie je in de terugkerende 'en profile' pose, waarbij een been brutaal hoekig vooruitsteekt, subtiel tegenhouden door de bal van de voet, en het andere been vanuit de buiklijn vrouwelijk vloeiend naar achteren glijdt.

Spaanse flamenco is contrastrijk en daardoor spannend. Elke keer is het weer verrassend hoe de knetterende voetroffels in één tel een halt toegeroepen worden, waarna de triomf over de bedwongen drift in de navolgende diepe stilte des te voelbaarder wordt. Even intrigerend is de vrouwendans, hier met soliste Beatriz Martín en haar gevolg van zes danseressen. Bij hen is het vooral de trots op het vrouw-zijn die je ervaart, die tot uiting komt in die uitdagende en opstandige Carmen-mentaliteit. De wervelende rokken en verleidelijke arm- en handbewegingen – die herinneren aan de Indiase oorsprong van deze zigeunerdans – missen hun uitwerking niet.

Zo puur en sober als Fiesta Gitazich na deze dansvorm op het podium presenteert, doet Ricardo Franco dat niet. Een gelikte show maakt hij evenmin. Wel kun je zijn achtergrond als balletdanser herkennen. Hij was jarenlang solist bij het gezelschap van Nacho Duato, bekend als ex-danser en choreograaf bij Kyliáns Nederlands Dans Theater.

Franco's achtergrond spreekt vooral mee in het tweede deel Lua, (`Maan') dat de overwegend melancholieke Portugese fado brengt. In tegenstelling tot flamenco kent die geen begeleidende dansvorm. Dus daar moest iets op worden verzonnen. Franco's choreografie voor het twaalfkoppige ensemble en het solistenpaar blijkt vooral illustratief bij de muziek, die vertolkt wordt door de fadistas Camané en Ana Sofia Varela. Je treft er sporen van Duato's stijl en zelfs die van Kylián in aan, waardoor de dans weliswaar soepel en dynamisch is, maar in artistiek opzicht weinig om het lijf heeft. Echt storend is dat niet, als je de choreografie als dienstbaar element ziet binnen dit geheel.

Het meest opwindende moment in Sol a Lua is wanneer de flamenco(zang) en fado met elkaar in dialoog gaan, weliswaar strikt gescheiden met aan een kant de gezette zangeres Maria Carmona met haar rauwe stemgeluid, en aan de andere kant de ranke Varela met haar zoetgevooisde stem – aan weerszijden begeleid door de musici.

Het danspaar fungeert in het midden in een lichtbaan die van maanbleek tot dageraad rood verloopt als trait d'union. Het leek of het mirakel van de eclips zich op dit podium herhaalde toen door de betoverende zang en dans de Spaanse Zon en de Portugese Maan voor een kortstondig moment ineenschoven. Het anders zo nuchtere Haagse publiek eiste driftig een toegift, waarna het gedwee de zaal verliet: met het gemoed vol `duende' of juist aangedaan door `saudade', een van de twee, en niet beide.

Voorstelling: De Sol a Lua flamenco fado. Gezelschap: Compania Flamenco XXI Danza. Choreografie: Ricardo Franco. Compositie Spaanse muziek: Cruz Montoro en Quevedo. Compositie Portugese muziek: Joâo Gil. Gezien: 30/3 in Lucent Danstheater, Den Haag. Te zien: 2/4 in Carré, Amsterdam (res.: (020) 6225225 of 4212223) en 4/4 in het Chassé Theater, Breda.